donderdag 8 april 2021

Bouwen van een krottenwijk bij de Tweede Kamer op gehaktdag/bijltjesdag

Op woensdag 19 mei is het de traditionele gehaktdag/bijltjesdag n de Tweede Kamer. Verantwoordingsdag (populair: woensdag gehaktdag of kortweg gehaktdag[1]) is in Nederland de dag waarop de Rijksoverheid en de ministeries hun jaarverslagen presenteren aan de Tweede Kamer. Op dezelfde dag publiceert de Algemene Rekenkamer haar verslag van de controles op die jaarverslagen. Verantwoordingsdag is jaarlijks op de derde woensdag in mei.

Op die dag willen we laten zien waar het beleid van de afgelopen jaren toe geleid heeft en als er geen drastische veranderingen komen; waar het nog toe kan leiden! Tot een toenemende ongelijkheid en nog grotere armoede problematiek. We willen hierbij het rapport van de Woonbond, Aedes en het Nibud aangrijpen om duidelijk te maken dat het Wettelijk Minimum Loon omhoog moet naar 14 euro en daaraan gekoppeld de uitkeringen zodat mensen überhaupt de woonlasten nog kunnen blijven op brengen. Anders krijgen we ook in Nederland straks te maken met krottenwijken.

https://www.woonbond.nl/nieuws/nieuw-kabinet-moet-inkomens-armere-huurders-verhogen

Naast het ophogen van het WML en de uitkeringen moet er om de wooncrisis te bestrijden ook een einde komen aan de Kostendelersnorm. Hierdoor wordt het mensen onmogelijk gemaakt om een huis te delen als men in een uitkeringssituatie zit. Met als gevolg een toenemende dakloosheid, zeker onder de zogeheten economische daklozen. Het afschaffen van de Kostendelersnorm kan daar een deel van de oplossing van zijn. Op deze dag willen we dan ook meteen de lopende petitie op de Goede Zaak aanbieden aan de nieuwe Tweede Kamer met het verzoek dit mee te nemen naar de onderhandelingen over een nieuw regeerakkoord.

https://campagnes.degoedezaak.org/campaigns/kostendelersnorm

We hopen natuurlijk op zoveel mogelijk deelnemende organisaties aan de actie, die we volledig corona proof zullen organiseren. En we hopen dat jullie als deelnemende organisatie aan de petitie daar natuurlijk bij willen zijn. De vergunning voor het Plein is inmiddels geregeld dus de actie kan plaatsvinden.

Op donderdag 22 april willen we een voorbereidende teams vergadering houden om de actie af te stemmen en een gezamenlijk programma en verklaring voor te bereiden. Deze vergadering willen we houden van 10.00 uur tot 11.30 uur.

We horen graag of jullie daarbij aanwezig kunnen zijn en als dat niet lukt of jullie wel aan willen sluiten bij de actie. Graag een mail aan: maureen.vanderpligt@fnv.nl dan sturen we daarna de link voor de teams vergadering toe.

Wie: FNV Uitkeringsgerechtigden en FNV 14 euro campagne en partners armoedebestrijding en kostendelersnorm afschaffen etc.
Wat: we bouwen een symbolische krottenwijk voor de Tweede Kamer om aan te geven dat het huidige WML en de daaraan gekoppelde uitkeringen te laag zijn om de woonlasten van te betalen. En we maken nogmaals duidelijk dat de Kostendelers Norm van tafel moet@!

Waar: Plein (Den Haag) voor de ingang van de Tweede Kamer
Wanneer: woensdag 19 mei a.s. van 08.00 uur (opbouw) tot 14.00 uur

Meer informatie:

Maureen van de Pligt, bestuurder FNV Uitkeringsgerechtigden, 06-21228123

Maureen.vanderpligt@fnv.nl


Mark Rutte: Trump der Lage Landen? VVD: de Republikeinse Partij?

Ik heb niet gelogen! Ik heb alleen niet de waarheid verteld! Nogmaals…..ik heb niet gelogen, mijn herinnering liet mij in de steek

Paralellen

Trump heeft het leven een stuk simpeler gemaakt. Hij heeft ons de alternatieve waarheid geschonken. Zijn presidentschap is een zegen geweest voor allen die het niet zo nauw nemen met de waarheid. De leugen was er altijd al, het is nu gepromoveerd tot een politiek stuk gereedschap waarvoor je je niet meer hoeft te schamen.  Te gebruiken voor persoonlijk gewin, te verstoppen in veel woorden. Kortom, red je het niet met de waarheid, dan is de alternatieve waarheid goed te gebruiken om het doel te bereiken. Een manier van verdeel en heers overgekomen vanuit het vertroebelde baken der democratie, de Verenigde Staten van Amerika.

 Innovatie 

Nederland is een klein landje maar met vindingrijke mensen. We zijn een innovatief volkje. Zien we iets elders dan willen we het beter maken, vervolmaken. Onze voorman Mark heeft dat goed begrepen. Het botte liegen heeft hij aangepast. Hij heeft bedacht dat er altijd saaie mensen zijn die willen dat de waarheid altijd moet boven komen. Voor deze mensen heeft hij bedacht dat herinnering een geweldige aanvulling kan zijn op de tactiek van jokken. Bijvoorbeeld, word je betrapt op een leugentje dan zeg je gewoon dat je het je niet meer kunt herinneren. En het werkt. Mark heeft het telkens toegepast en velen koesteren zijn innovatie der leugen. En hij is niet alleen. Ter rechterzijde van de VVD hebben twee andere voormannen deze aanpak overgenomen, maar kunnen nog niet in de schaduw staan bij de vakmanschap die Mark laat zien. Bij hen is de leugen nog onbezonnen, nog ruw, zo zichtbaar, maar het zaad der onwaarheid is inmiddels op een uitgestrekt-  en voedzame bodem terecht gekomen.

Een traditionele volkspartij

Ja, ook ik heb weleens mijn stem gegeven aan de VVD. Maar dat stelt niets voor. Ik heb namelijk totaal geen verstand van politiek. Ik kan het niet bewijzen, maar geloof me maar: ik heb bijna altijd mijn stem gegeven aan partijen die in de kiezersgunst ontzettend verloren. Je moet mij dan ook niet om een stemadvies vragen. 

Maar toch, die VVD als partij heeft ook richting Amerika gekeken. Dingetjes geïmporteerd. De VVD lijkt de strategie van de Republikeinse Partij te hebben gevolgd en te hebben omarmd. Je kunt het zien. De VVD-coryfeeën sluiten de gelederen om hun godenzoon, Mark Rutte. Frits Bolkestein, Henk Kamp, Uri Rosenthal, Bas Eenhoorn en anderen, die ik moedwillig vergeet te noemen, zien geen kwaad in de handelswijze van hun voorman, ze wijzen liever naar anderen. Liegen mag van hen omdat het land dat vraagt. Nederland verkeert in een crisis en het is nodig om zo snel als het kan een regering bij elkaar te sprokkelen. Het is dan ook volkomen ongehoord dat mevrouw Sigrid Kaag een spaak in dat wiel steekt in de vorm van een motie van afkeuring. Een weloverwogen motie, specifiek gericht op de lijsttrekker Rutte en niet op de demissionair Minister President Rutte. O ja, dan is er ook nog de heer Gert Jan Segers. Onbegrijpelijk dat een voorman van een klein partijtje opkomt voor z’n eigen achterban. Hoe durft hij de samenwerking in een nieuw kabinet op het spel te zetten door Mark af te wijzen. 

Alles bij elkaar lijkt het bij de VVD allemaal richting onmetelijke arrogantie te gaan. De arrogantie van de macht spreekt bij monde van grootheden uit het verleden. De VVD is de grootste, dus pas je maar aan. Kun je dat niet, dan zoeken we toch een ander.

 De onmacht

Macht en tegenmacht, transparantie van beleid, vertrouwen herwinnen. Vertrouwen van zowel tussen de  Kamerleden onderling, maar zeker ook het vertrouwen van de burger. Geweldig grote en zelf opgelegde opgaven, eerder onmogelijke opgaven. Het zullen onhaalbare opgaven blijken te zijn, misschien wel met een versluierend sausje waardoor het lijkt alsof het beter is geworden. Onhaalbaar, ook omdat het Nederlandse Volk, door hun stem, een onwerkbare Tweede Kamer heeft geconstrueerd. Het is gewoonweg niet mogelijk om de zo algemeen gewenste doelstellingen met zeventien partijen na te komen. Grotere en vooral kleine partijtjes, zij moeten het doen. Zij moeten gezamenlijk die doelstellingen vorm geven ten gunste van ‘de democratie’. Een onmogelijke opgave ondanks de bewezen lippendienst door een ieder.

 Eigenlijk, bij de procedure om een nieuwe Kamervoorzitter te kiezen, zie je nu al de spagaat waarin de Kamer zich bevindt. Vragen over vergaderschema’s die moeten voorkomen dat er eindeloos moet worden gedebatteerd. Spreektijd geven aan woordvoerders van zeventien partijen afzonderlijk vraagt om tijd. En getuige het huidige verloop van debatten veel onnodig verspilde tijd. Een concert aan het herhalen van argumenten geeft de versnippering aan, maar leggen ook de zinloze samenstelling van onze Tweede Kamer weer. 

Een meer nijpender probleem is de behandeling van de onderwerpen. Kleine partijen moeten noodzakelijkerwijze keuzes maken om te bepalen waar zij hun spaarzame energie aan willen spenderen. Het is namelijk onmogelijk om alle onderwerpen die voorbij komen adequaat op de merites te behandelen. Dit is onmogelijk en zij die menen dat zij dat wel kunnen houden zichzelf op een gevaarlijke manier in de maling. Wat zij wel doen is een extra, en bijna niet te verwezenlijken, belasting leggen bij die partijen die meer voorstaan dan een enkel groepsbelang. 

Chantabel. 

Het niet capabel zijn om volwaardig het scala aan onderwerpen te behandelen is niet het enige waar die kleine partijtjes mee te maken krijgen. Het grote dilemma is ook de vraag hoe graag zij hun eigen politieke programma naar tevredenheid behandeld willen zien. En hier hoef je geen waarzegger voor te zijn om te stellen dat hier koehandel wordt bedreven en dit ten allen tijde ook door zal gaan. En, hier zal degene met het meeste wisselgeld als winnaar voor de dag komen. Het zou een sprookje zijn als een klein partijtje kan scoren zonder in te leveren. Ook hier zie je weer het gevaar dat uitgaat van veel te veel partijtjes. Deskundigheid gaat verloren en onafhankelijke besluitvorming op basis van objectiviteit is te grabbel gegooid.

 Remedie

Wilders roept om nieuwe verkiezingen. Eigenlijk helemaal zo gek nog niet. Maar het is te vroeg. Beter is het afwachten van de gebeurtenissen, afwachten hoe het nieuwe beleid en die transparantie eruit zullen komen te zien. Hoe al die kleine partijtjes hun zinloze bestaan verantwoorden richting hun kiezers. Hoe met name Forum voor Democratie laat zien dat de acht Kamerzetels een verspilling aan politieke kracht is geweest. Acht zetels omdat mensen het zo zielig vonden hoe Baudet werd aangepakt in een populair televisieprogramma. 

Het lijkt mij zinvol om oppositie te voeren op basis van de algemeen verwoorde doelstellingen. Doelstellingen die gaan over de omgang met elkaar. De macht versus tegenmacht, transparantie als doelstellingen waarmee uiteindelijk de kiezer beter wordt. Waarmee de kiezer een vervolgens een weloverwogen keuze kan maken. Kiezen, niet alleen kiezen op basis van een hype maar dit doen op basis van informatie vanuit een open en eerlijk politiek debat. Ik wens alle leden van de Tweede Kamer veel wijsheid, eerlijkheid en daadkracht toe. Mogen zij dicht bij hun principes blijven staan.

Met vriendelijke groet,

Aaldert de Jong         

      


zondag 4 april 2021

Links moet weer eens fuseren

De verkiezingen zijn weer achter de rug. Links likt nog steeds haar wonden. En zoals gebruikelijk na zo’n nederlaag wordt er weer hardop gefilosofeerd over het samengaan van Groenlinks, PvdA en SP tot een grote progressieve partij.
Hoe naief moet je zijn om te denken dat dan alles goed komt? Alsof een grote partij dan altijd groot blijft. Vertel mij dan eens, hoe het kan dat in 1977 de PvdA 53 zetels haalde en dat daar nu nog slechts 9 over zijn?
En in datzelfde 1977 haalden de ARP, CHU en KVP met een gemeenschappelijke lijst 49 zetels. Die drie partiien vormen sinds 1980 het CDA en die partij heeft nu slechts 15 zetels behaald. Een achteruitgang van 34 zetels. Blijkbaar kan de gedachte, we gooien alles op een hoop, dan komt alles weer goed, dus niet als uitgangspunt dienen voor links. De SP had in 1977 nog geen enkele kamerzetel, maar groeide in de loop der jaren uit tot een volwassen partij. De SP had toen een boodschap die aansloeg bij de kiezer. En welke boodschap gaat die nieuwe linkse partij dan verkondigen. Tijdens het afsluitende verkiezingsdebat stonden Lilian Marijnissen van de SP en Lilianne Ploumen van de PvdA tegenover elkaar. Marijnissen wil het eigen risico geheel afschaffen. Ziek worden kan iedereen overkomen en dan voelt het eigen risico als een extra straf. Ploumen is het daarmee eens, maar omdat de gezondheidszorg al duur genoeg is, wil ze het eigen risico slechts halveren. Bij de PvdA betaal je bij ziekte nog altijd bijna €200,-. Bij de SP noppes.

De PvdA laat de kleine man weer opdraaien om een sluitende begroting te krijgen. En €200,- stelt toch niks voor. Maar daar denkt de SP toch anders over. Die weet dat 200 piek voor een ziek persoon op het sociale minimum een wereld van verschil uitmaakt. Dit voorbeeld zegt eigenlijk alles. Met welke aansprekende boodschap denk je verkiezingen in de toekomst te winnen? Daar moet het om gaan.

Jacques Peeters is soreekuurmedewerker
van de Bijstandsbond
Dit artikel verscheen eerder in de MUG van april 2021. 

zaterdag 3 april 2021

Recht, ruil of gift. Opvattingen van bijstandsgerechtigden over sociale zekerheid

Uit enquetes blijkt dat de meerderheid van de bevolking in Nederland voorstander is van een rechtvaardige sociale zekerheid en goede arbeidsvoorwaarden voor de werkenden. Wel moet misbruik streng worden bestraft. Wie niet naar betaald werk zoekt terwijl ie wel kan werken, of fraude pleegt, moet hard worden aangepakt. Voor de arbeidsongeschikten moet een rechtvaardig sociaal vangnet zijn. Wat uit de enquetes ook naar voren komt is een groot wantrouwen tegenover de overheid. Niet alleen de toeslagenaffaire, maar sowieso het optreden van de overheid bij de benadering van (uitkeringsgerechtigde) burgers is punt van kritiek. Er is veel verontwaardiging over de toenemende kloof tussen arm en rijk en het feit dat veel mensen in Nederland te weinig inkomen hebben om van rond te komen en in armoede leven. Overigens hebben de traditioneel linkse partijen, zoals Groen Links, SP en Partij van de Arbeid die bij de verkiezingen zwaar verloren, in de verkiezingsstrijd nauwelijks gebruik gemaakt van de verontwaardiging hierover. Maar in wat voor kader of frame plaatsen de mensen een rechtvaardige sociale zekerheid? Hoe denken uitkeringsgerechtigden zelf over deze materie? Kunnen we op bovenstaande opvattingen inzoemen om er meer over te weten te komen?

Melissa Sebrechts en Thomas Kampen, beiden verbonden aan de Universiteit voor Humanistiek, resp. als antropologe en socioloog, hebben dat onderzocht in het artikel ‘De bijstand als recht, ruil of gift’. Rechtvaardigheid van de uitkering volgens bijstandsgerechtigden zelf. (1) Weliswaar gaat dit alleen over bijstandsgerechtigden, maar veel andere mensen zullen op dezelfde manier denken. De perspectieven van bijstandsgerechtigden op de (on)rechtvaardigheid van de bijstand staan niet op zichzelf, maar zijn gebaseerd op wat in de maatschappij als rechtvaardig of onrechtvaardig wordt gezien. Daarnaast hebben de veranderende bijstandsregimes waarschijnlijk invloed op de opvattingen– de bijstand is in de loop der jaren steeds strenger geworden en met name vanuit de VVD was het gehak op bijstandsgerechtigden niet van de lucht. Deze invloeden vormen het venster van waaruit bijstandsgerechtigden rechtvaardigheid beoordelen. Zo’n venster wordt frame genoemd. De onderzoekers onderscheiden drie perspectieven of frames waarbinnen bijstandsgerechtigden het hebben van een bijstandsuitkering beoordelen. De bijstand als recht, de bijstand als ruil en de bijstand als gift. Het onderstaande is voornamelijk een samenvatting.

De bijstand als recht

Het frame van de bijstand als recht kwam het minst in het onderzoek voor. In dit frame zou de bijstand een onvoorwaardelijke uitkering moeten zijn voor iedereen die (tijdelijk) niet in zijn of haar levensonderhoud kan voorzien. Bij het rechtenperspectief ga je er als het ware van uit dat ieder mens recht heeft op een waardig bestaan en dat dit recht door de overheid moet worden gewaarborgd. In dit perspectief zijn er bezwaren tegen een verplichte tegenprestatie voor de uitkering. Dat ondergraaft het recht op een uitkering. In dit frame heerst veel verontwaardiging over de tegenprestatie. Aanhangers van dit frame beschouwen gedwongen onbetaald werk als uitbuiting. Bijstandsgerechtigden moeten aantonen dat ze de uitkering nodig hebben, maar (teveel) controle op de naleving van verplichtingen is overbodig en contraproductief. In dit perspectief wordt de nadruk gelegd op de falende reïntegratietrajecten, die uitkeringsgerechtigden demotiveren, nutteloos zijn en waarbij alleen maar baantjes voor improductieve arbeidsbemiddelaars worden gecreeerd. We zagen al dat er in dit frame veel verontwaardiging heerst over de verplichte tegenprestatie. De onderzoekers halen een Amerikaanse socioloog aan, Arlie Hochschild, die een samenhang zag tussen frames en gevoelens. Referentiekaders of frames bepalen vaak welke gevoelens de betrokkene zichzelf en anderen toestaat. Vaak worden in referentiekaders historische, morele of pragmatische argumenten gebruikt die dan weer emoties oproepen. Zoals jaloezie, schaamte of boosheid. Ook in het rechtenperspectief wordt vaak een historische vergelijking gemaakt met hoe de bijstand vroeger was. Ruimer, en met minder plichten. In dit kader past de verontwaardiging over de afbraak van de sociale zekerheid en de verzorgingsstaat. De onderzoekers vinden het opvallend dat vaak relatief hoog opgeleide, witte mannen van 45 jaar of ouder zonder veel psychische of lichamelijke problemen de bijstand als recht beschouwen.

De bijstand als ruil

Het ruil-perspectief of -frame wordt gekenmerkt door het uitgangspunt dat er bij het verstrekken van bijstand een evenwicht moet zijn tussen geven en ontvangen. Dit was in het onderzoek verreweg het meest gehanteerde perspectief. In dit perspectief is het rechtvaardig, dat je iets terugdoet voor je uitkering (ruil van geven en nemen) in de vorm van een tegenprestatie. Men vindt het in dit frame rechtvaardig dat het recht op bijstand onderdeel is van een sociaal contract met duidelijke plichten. Het belangrijkste in dit perspectief is wederkerigheid. Maar in het ruilperspectief moet er wel sprake zijn van een evenwicht tussen rechten en plichten. De verplichte tegenprestatie is daarom niet per definitie rechtvaardig. Op basis van het principe van wederkerigheid moet je er iets mee opschieten, zoals het opdoen van een werkritme, sociale contacten of een kans om sociale vaardigheden te ontwikkelen. Bijstandsgerechtigden die vinden dat ze meer terugdoen dan zij ontvangen worden kwaad. In dit frame vergelijken de bijstandsgerechtigden zich met anderen. Wanneer ze bijvoorbeeld streng gecontroleerd worden op fraude, vinden de mensen dat ze strenger worden behandeld dan ze verdienen en voeren ze het argument aan dat de eigenlijke grote fraudeurs niet worden aangepakt. Dit leidt tot jaloezie en wrok jegens andere bijstandsgerechtigden. Hoewel de onderzoekers het zelf niet zo noemen, zou je kunnen zeggen dat het dominante ruilperspectief past in het neoliberale gedachtegoed. Je moet streven naar voor wat hoort wat, in marktsituaties, maar ook in het dagelijks leven. Je moet voornamelijk vanuit je eigen belang redeneren. Kritiek is er niet zozeer op het stelsel van rechten en plichten als zodanig, maar op de uitvoering ervan, waarin een disbalans kan optreden tussen rechten en plichten op basis van wederkerigheid.

De bijstand als gift

Het derde perspectief is minder dominant dan het ruilperspectief maar komt toch vaker voor dan het rechtenperspectief. In dit frame is de bijstand niet een recht, maar moet je je gevoelens van dankbaarheid tonen dat je bijstand krijgt. De mensen die bijstand beschouwen als gift zijn gespeend van kritiek. Om niet ondankbaar te lijken, oefenen ze geen kritiek uit. Ze vinden het niet gepast om te klagen of eisen te stellen aan de bijstand. Ze hanteren een pragmatisch referentiekader, dat wil zeggen ze vergelijken de Nederlandse bijstand met de situatie in andere landen en vinden dat wij beter af zijn. Bij het giftenperspectief is het ontvangen van bijstand niet vanzelfsprekend, en dat betekent een gevoel van afhankelijkheid van de gever, dat schaamte in de hand werkt. Bijstandsgerechtigden die redeneren vanuit het giftenperspectief schamen zich vaak dat ze een uitkering hebben. De verplichte tegenprestatie is niet een kwestie van ruilen, zoals in het ruilperspectief, maar een uiting van behulpzaamheid. Toch kunnen mensen in het giftenperspectief zich onrechtvaardig behandeld voelen. Ze willen zelf graag behulpzaam zijn, en als de klantmanager dan druk op hen uitoefent om iets te doen, vinden ze dat onrechtvaardig. Het valt op dat het vaak alleenstaande moeders met een verleden vol problemen zijn die de bijstand als een gift beschouwen. De bijstand schonk hen financiele onafhankelijkheid van hun voormalige echtgenoten. Maar tegelijkertijd is er het gevoel van een nieuwe afhankelijkheid, nl van de staat. Hoewel de mensen in het giftenperspectief dankbaar zijn, zouden ze toch liever hun eigen geld verdienen, onafhankelijk zijn.

Oordelen

Hoe oordelen bijstandsgerechtigden nu vanuit de verschillende frames over de andere bijstandsgerechtigden?

In het rechtenperspectief zijn andere bijstandsgerechtigden vooral onwetend. Het zijn mensen die laaggeletterd zijn, ze spreken de taal vaak niet goed of hebben problemen zoals schulden, chronische ziekte of een verslaving. Daardoor komen ze niet goed vanuit een rechtenperspectief voor zichzelf op. Overigens worden bijstandsgerechtigden in dit perspectief met vertrouwen en zorgzaamheid benaderd. In het ruilperspectief moet er een evenwicht zijn tussen rechten en plichten. In dit frame worden bijstandsgerechtigden al gauw als profiteurs gezien, die de kantjes eraf lopen en te weinig terugdoen voor hun uitkering. Zij moeten hard aangepakt worden. Vaak zijn het migranten die als profiteurs worden neergezet. Degenen die de bijstand als gift beschouwen, zijn kritisch over bijstandsgerechtigden die kritiek hebben. In dit frame beschouwd men dit als ondankbaarheid. Ondankbaarheid is bijvoorbeeld het aanspraak maken op extra voorzieningen. De bijstand is al een geschenk en dan vraag je daar niet nog eens toeslagen bovenop. Mensen die de bijstand als gift zien zijn dankbaar en verwachten dat ook van anderen.

Onderzoek

In het onderzoek waren ongeveer driekwart van de respondenten voorstander van het ruil- of giftenframe. De onderzoekers vergelijken hun bevindingen met een vergelijkbaar onderzoek eind jaren tachtig van de vorige eeuw (2). In dat onderzoek concludeerde men, dat het rechtenperspectief het meest werd gehanteerd. De huidige onderzoekers constateren, dat dat onderzoek verricht werd op een kantelpunt: daarna is het gehak op bijstandsgerechtigden en werklozen begonnen en werd de bijstand steeds strenger. Zij constateren, dat de hervorming van de verzorgingsstaat diep heeft ingegrepen in de ideeen over rechtvaardigheid van bijstandsgerechtigden. Ik voeg eraan toe dat 30 jaar propaganda voor het neoliberalisme zijn uitwerking op de opvattingen van bijstandsgerechtigden niet heeft gemist, hoe zij de bijstand zien en hoe zij andere bijstandsgerechtigden zien. Voor een uitgebreide behandeling van de 3 frames verwijs ik naar het artikel. Voor ons, als belangenbehartigers, is dit onderzoek van belang omdat het aanwijzingen geeft over hoe wij argumenten moeten aanvoeren waarin het rechtenperspectief centraal staat. Benadrukken dat de bijstand een verworvenheid is waarop recht bestaat en benadrukken van anti-racisme campagnes. Maar ook geeft het onderzoek aanwijzingen hoe het ruilperspectief en het giftenperspectief effectief met argumenten kan worden weerlegd.

Piet van der Lende

(1) Melissa Sebrechts en Thomas Kampen. De bijstand als recht, ruil of gift. Rechtvaardigheid van de uitkering volgens bijstandsgerechtigden zelf. In: Streng maar onrechtvaardig. De bijstand gewogen. Uitgeverij van Gennep. Thomas Kampen, Melissa Sebrechts, Trudie Knijn, Evelien Tonkens (red). Artikel op blz 177 tm blz 197.

(2) H. Kroft, G Engbersen, K. Schuijt, J.S. Timmer, S. Hoegen, H. Muller- 1989. Een tijd zonder werk. Een onderzoek naar de leefwereld van langdurig werklozen. Leiden/Antwerpen. Stenfert Kroese.