maandag 27 augustus 2018

Young and United en de doorgeslagen flex

De Bijstandsbond heeft afgelopen zomer enkele malen gepraat met vertegenwoordigers van FNV Young and United. Zij vroegen de Bijstandsbond om hen te steunen in de strijd tegen de doorgeslagen flex. Met de campagne WTFlex richt Young and United zich op het failliete systeem van flexcontracten en gaan ze voor contracten die zekerheid bieden. Bij structureel werk horen ook vaste contracten en daarmee een vast en zeker inkomen.
Met name bij de groep mensen onder de 35 jaar is het aantal onzekere contracten extreem toegenomen. Bijna 50% van deze werkenden heeft een onzeker contract. Het aantal onzekere contracten stijgt (het aantal steeg van 1,1 naar 1,9 miljoen in 2013, een stijging van 75%). De leeftijd waarop mensen kunnen beginnen een toekomst op te bouwen is omhoog gegaan van 24 naar 28 jaar, dan heeft 50% van de jongvolwassenen een vast contract. Dit heeft onder meer tot gevolg dat mensen het krijgen van kinderen uitstellen en er een toenemend aantal burn-outs is onder jongeren, die vaak onder het bestaansminimum leven met alle gevolgen van dien.
Door de concrete gevolgen van de onzekere contracten zichtbaar te maken gaat FNV Young de politiek en werkgevers ervan overtuigen dat hier iets aan gedaan moet worden. We hebben afgesproken begin volgend jaar gezamenlijk hierover een bijeenkomst te organiseren. Na de vakantie praten we verder.

Verschillende acties
In het kader van de campagne WTFlex organiseerde Young and United een advertentie over uitzendbureau Randstad. ‘Randstad helpt flexverslaafde werkgevers om mensen met een flexontract nog minder te laten verdienen. Dit moet stoppen!' De grote advertentie werd geplaatst in de Metro en al meer dan 1000 mensen hebben hem gedeeld op Facebook. Ook hebben ze Flexkoning Randstad een witboek overhandigd, en is er de hele dag door in het hele land actie gevoerd (op 13 juni bij vestigingen van Randstad). In het kader van de campagne WTflex zijn er ook acties bij supermarkten.
Op 7 oktober is het International Decent Work Day en komt Young and United in actie voor meer zekere contracten. Het is een recht in Nederland om voor jezelf en je collega’s op te komen, ook al is dat moeilijk als flexwerker, als je niet zeker bent van je werk. Desondanks gaan flexwerkers uit heel Nederland op 7 oktober naar Rotterdam, om te laten horen dat zekere contracten weer normaal moeten worden! Young & United roept werkgevers en politiek op om andere keuzes te maken. Ze eisen zekere contracten, zodat huidige en toekomstige generaties een fatsoenlijk bestaan op kunnen bouwen. Sta op en sluit je aan. Kom op 7 oktober naar Rotterdam! De mars start om 14.00 uur. Verder is er een petitie die getekend kan worden.

Actie bij het call center van de gemeente Amsterdam
In een volgend gesprek tussen Young and United en de Bijstandsbond kwam een concrete actie aan de orde, waarin we ook gaan samenwerken. Wethouder Touria Meliani (Kunst & Cultuur, GroenLinks) heeft een flexibel plaatsnaambord gekregen van medewerkers van het gemeentelijke Contactcenter van Amsterdam. Zij komen in actie tegen de enorme flexibilisering op hun afdeling. Bij het contactcenter is maar liefst 60% flexwerker, terwijl de gemeente zelf streeft naar goed werkgeverschap en een flexibele schil van 15% onder haar werknemers. De medewerkers moeten 30 uur per week beschikbaar zijn, maar krijgen een contract voor 20 uur.

Dat zien we meer bij flexwerk, waar je maar een beperkt aantal uren werk hebt maar wel de hele week beschikbaar moet zijn. Je kunt daardoor geen andere baan aannemen en bent gedwongen op het bestaansminimum te leven. Er werken meer dan 200 mensen. Alle medewerkers worden via uitzendbureaus geworven. Ze blijven in principe de hele tijd die ze voor het contactcenter werken in dienst bij het uitzendbureau. Dit is een periode van maximaal 5,5 jaar waarin de medewerkers in ieder geval 7 keer een contractverlenging moeten krijgen en dus voortdurend moeten vrezen om hun baan en hun toekomst. En die vrees voor baanverlies is zeer reëel. Wie namelijk vaker dan 2 keer per jaar ziek is krijgt geen contractverlenging. Als de periode van 5,5 jaar is afgelopen, het wettelijke maximum waarin iemand in een uitzendconstructie zonder vaste aanstelling mag worden gehouden, dan mag de medewerker solliciteren op eventueel ‘vrij gekomen’ vaste posities bij het CCA. Het beleid is namelijk om maximaal 40% van de medewerkers een vaste aanstelling te geven (we hebben het sterke vermoeden dat het daadwerkelijke percentage medewerkers met vast contract zelfs nog lager ligt). De hoge onzekerheid, het volstrekte gemis aan perspectief en de enorme werkdruk zorgen er – samen met de vele contracten die niet worden verlengd – voor dat er een enorm personeelsverloop is en ten minste 8 keer per jaar 12 nieuwe medewerkers worden ingewerkt. Dit betekent dat jaarlijks meer dan de helft van het personeel weggaat.

Deze toestand is zacht gezegd schandalig. Het gaat om mensen die een publieke dienst verlenen, het contact tussen gemeente en burger, een dienst die structureel noodzakelijk is en door goed opgeleide en ingewerkte vakmensen zou moeten worden gedaan. Als de helft van het personeel steeds uit nieuwe mensen bestaat is dit onmogelijk. Los van de vergaande gevolgen voor het leven van de medewerkers. Velen hebben een gezin te onderhouden, iedereen heeft vaste lasten maar moet onder voortdurende onzekerheid over zijn of haar inkomen leven. Extra wrang is dat de gemeente een streefnorm van maximaal 15% flexcontracten hanteert, maar bij het CCA de boel omdraait en niet een maximum voor werknemers in onzekerheid hanteert, maar een maximum van werknemers met een zekere aanstelling. Zijn de medewerkers op deze afdeling minder waard?

De medewerkers hebben een petitie opgesteld waarin ze eisen dat na één jaar werkzaam te zijn bij de gemeente, vaste dienst wordt aangeboden; en dat er net als gemeente-breed maximaal 15% flexwerkers zijn op het CCA. Deze petitie is eerst aan de directie gepresenteerd, vervolgens ook aan de wethouder en aan de gemeenteraad. Op dit moment is de wethouder bezig om ‘een oplossing te zoeken’ en ‘met antwoord te komen’. Als dit antwoord na het zomerreces niet op de korte termijn komt, of als niet aan de eisen van de werkers wordt voldaan, dan zal er verdere actie nodig zijn. Met name gericht op wethouder Touria Meliani, omdat zij de uiteindelijke beslissingsbevoegdheid heeft. Op dat moment zou alle publieke steun van Amsterdammers, en sociale organisaties in Amsterdam – zoals de Bijstandsbond – hartelijk welkom zijn, en misschien een beslissende bijdragen kunnen leveren in de strijd voor zekere arbeidscontracten bij de gemeente.

Voor meer informatie: https://www.youngandunited.nl/

Piet van der Lende

maandag 20 augustus 2018

Donut D-Day

Op zaterdag 15 september wordt de Donut D-Day gehouden in de Keizersgrachtkerk in Amsterdam. De Donut economie is goed voor mens, maatschappij, milieu en dier. Kate Raworth maakt overal furore met de duurzame Donut-economie. Op Donut-D-Day (DDD) willen we elkaar inspireren, van elkaar leren en concreet aan de slag gaan. Vanuit drie verschillende bewegingen komen we samen op DDD. De milieubeweging, monetaire hervormers (Ons Geld) en de voorstanders van het basisinkomen ( Vereniging Basisinkomen en Basisinkomen2018) ontmoeten elkaar op DDD. Wees van harte welkom op DDD om jouw actieve steentje bij te dragen. Het wordt een gedenkwaardige dag in de Keizersgrachtkerk, in hartje Amsterdam. Na Kate Raworth spreekt de jonge econoom Harro Boven over basisinkomen. Anne Knol ( Milieudefensie) over een schone en rechtvaardige wereld. Prof Klaas van Egmond over monetaire hervorming. Er zijn 10 pitches voor concrete doelen. Veel standjes van verschillende organisaties. Afsluitend reflectie door Herman Wijffels. Koffie, thee, donut en veganistische lunch in begrepen. Na afloop borrel.

Let op! Je moet wel 25 euro ophoesten om de dag te kunnen bijwonen. Maar dan mag je ook mee-eten dus. Website van het event

piet

zaterdag 11 augustus 2018

De Turkse weekend school

Er is nog een aantal mensen dat ook snel Turks zou moeten leren. Daartussen zit premier Rutte en minister van Buitenlandse Zaken Blok. En ook alle Nederlandse werkgevers en met name de middelgroten, groten en grootsten daaronder. Die gaan soms met de premier en de minister samen voor een handelsmissie mee op reis naar Turkije. Dan moeten ze er natuurlijk wel kunnen communiceren. En soms komen ook Turkse delegaties naar Nederland. Ja, de argumenten dat eigenlijk de hele wereld Turks zou moeten leren hopen zich op. Het Turks zou eigenlijk ook als communicatie- en educatietaal in het Nederlands onderwijssysteem ingevoerd moeten worden. Erdogan heeft zichzelf tot wereldleider verklaard en dat moet dan ook consequenties hebben voor het Turks, de magnifieke Turkse geschiedenis en de Turkse religie, zijnde de islaam.

En de Nederlandse overheid, die steunt dat initiatief van de weekendschool. Een initiatief dat zogenaamd door Turkse burgers in Nederland wordt opgepakt maar in werkelijkheid voorbereid en voorgekookt is door het Turkse staatsdepartement voor in het buitenland levende Turken.

De bedoeling is om de Turkse kinderen in de leeftijd tussen de 5 en de 17 jaar Turks onderwijs (lees: indoctrinatie en hersenspoeling) te geven.
En dan iedere week, 5 uur per week, en dat zo'n 40 weken per jaar.

Wat krijgen de kinderen te leren?

Wekelijks 2 uurtjes Turks taalonderwijs. Op zich is daar niets mis mee. Een taal erbij leren (die toevallig in de regel de taal van je ouders is), daar is niets mis mee. Integendeel, het is een verrijking die een aantal voordelen heeft ook. Dus da's meegenomen. Maar nu komt het:

Onderdeel van het wekelijkse programma is ook: 3 uurtjes onderwijs (lees: indoctrinatie) in anti-wetenschappelijk ultra-Turks nationalistisch geschiedenisonderwijs, jihadistisch gemotiveerd politiek-islamistisch godsdienstonderwijs en zogenaamde maatschappijleeronderwijs waarbij ze de kinderen allerlei leugens gaan leren dat socialisten crimineel zijn, het socialisme dictatoriaal is en de islaam verbiedt, dat atheïsme slecht is, dat de christenen en de joden niet deugen en dat je om tactische redenen de Nederlandse wet moet respecteren maar schijt moet hebben aan de Nederlanders en de Nederlandse samenleving. (Eigenlijk precies dezelfde principes als de principes die aan het onderwijs in Turkije ten grondslag liggen.)

En de Nederlandse regering vindt dat zo maar goed en steunt het initiatief zelfs. Als het in het belang van de Nederlandse regering was om de lange arm van Ankara aan de kaak te stellen dan schreeuwde deze regering moord en brand maar deze keer vindt deze regering het goed dat de lange arm van Ankara van alles organiseert.

Eigenlijk is er niet zo veel nieuws onder de zon. Voorheen werden de Turkse kinderen evenwel geïndoctrineerd en gehersenspoeld door organisaties die direct of indirect in verbinding stonden met Ankara (denk aan Stichting Diyanet en andere). Nu wordt die indoctrinatie en hersenspoeling legitiem erkend en zelfs gesteund door de Nederlandse regering. Toch is dat nog steeds een activiteit van de lange arm.

Het opportunisme van neoliberale regeringen en het parlement (voor zover dat de regering in het steunen van het genoemde initiatief steunt), dat is om van ziek te worden.

Maar ja, die liggen niet wakker van het feit dat zo veel kinderen vergiftigd worden en zullen blijven worden met ondemocratische, anti-democratische en reactionaire ideeën en denkbeelden.

Met de steun van het bovengenoemde initiatie door het kabinet Rutte wordt de Nederlandse fascistische, racistische en populistische partijen en groepen weer een flinke vracht voer toegeworpen. 

Let maar op!

We leven helaas nog steeds in het kapitalisme-tijdperk en in reactionaire tijden...

Meriç Esin

donderdag 9 augustus 2018

Werken bij Cordaan

Ik ben in 2011, na een tijdje werkloos te zijn geweest door
de crisis, gaan werken in de huishouding bij Cordaan. Ik
heb achtereenvolgens 3 keer een jaarcontract gehad. Ondanks
een schriftelijk verzoek aan de directeur voor een vast contract
waar ik nooit een antwoord heb gehad, werd ik weer werkloos.
Na ongeveer 200 sollicitaties ben ik in 2016 maar weer gaan
solliciteren bij Cordaan wederom in de huishouding. Dit keer
kreeg ik een contract voor 7 maanden en slechts 16 uur per week.
Daar ik hier niet van leven kon ben ik bij Joods Maatschappelijk
Werk gaan solliciteren. Dat was in februari 2017 in het begin
kon ik maar 4 tot 8 uur per week krijgen, maar men beloofde
mij meer uren in juli en boden mij een opleiding tot verzorgende
C en D aan. Dit vond ik heel aantrekkelijk en kon eindelijk de
huishouding verlaten en per 1 juli als helpende B aan de slag.
Deze werkzaamheden bestaan uit het aan en uitrekken van steun-
kousen, ogen druppelen, wassen en aankleden en verstrekken van
medicijnen. En natuurlijk in de gaten houden hoe het met de cliënten
gaat. Ik had veel plezier in dit werk, de cliënten waren blij en mijn
studieresultaten waren meer dan goed.

Door de ver uiteenliggende adressen van cliënten fietste ik gemiddeld
per week zo een 150 a 200 kilometer, ik ging een dag per week naar
school van 9 tot half 4 en vaak had ik voor school nog een of twee
cliënten. Mijn diensten bestonden uit ongeveer 14 cliënten en of ik
had een ochtenddienst ( 08.00 tot 14.00 u) of een avonddienst ( 17.00
tot 11.00u) ook werkte ik om de week in het weekend. Daar ik in juli
nog geen vakantie-uren had en veel college op vakantie gingen heb ik
extra veel gewerkt. In oktober werd het weer iets minder ongeveer 24
uur per week. Al met al ik had het prima naar mijn zin. Ook JMW was
heel tevreden over mij.

In augustus kregen we te horen dat ons bedrijf zou worden overgenomen
door een ander bedrijf er werden nog geen namen genoemd, maar intern
wist men toen al dat het Cordaan zou worden. We zouden precies dezelfde
arbeidsvoorwaarden krijgen en de opleiding zou ook kunnen worden afge-
rondt. Cordaan zou ook voor ons cliënten zoeken, waar we voor onze studie
praktijkopdrachten en proeven van bekwaamheid konden afleggen.
1 januari 2018 de dag dat Cordaan ons heeft overgenomen begon de ellende
al. ineens stond ik ook ingeroosterd op nieuwjaarsdag wat niet afgesproken
was daar ik op oudjaarsdag al ingeroosterd stond. Hier kon ik nog onderuit
komen maar het was niet van harte. Ook zou iedereen een persoonlijk gesprek
krijgen die zijn er nooit geweest. Een bijeenkomst op 4 januari werd geannuleerd om een onduidelijke reden er was geen communicatie. Tevens waren vier personeelsleden bij ons gestopt toen men overging naar Cordaan. Dit betekende dat de roosters aanzienlijk groter werden van 14 naar 16, 17 cliënten ook werden cliënten gewoon afgezegd. En kregen wij veel klachten hierover. Er begon veel onrust en irritatie te ontstaan. Die werd nog erger toen wij ons computersysteem moesten verlaten en verzocht werden om in te loggen op kantoor bij Cordaan. De eerste keer mislukte dat wegens ondeskundigheid, de tweede keer was het te druk en de derde keer ook. Drie vrije middagen naar de knoppen en geen resultaat. Dit betekende dat ik mijn gewerkte uren en scholing niet meer kon behouden en een planning van dag tot dag wat zeer onhandig is voor je eigen dagelijkse planning.

Cordaan deed echter niets om de problemen op te lossen. Er kwamen geen personeelsleden bij en geen IC-ters om ons te helpen met de computerproblemen. Dit had ook invloed op ons werk, want wij beschikten niet meer over telefoonnummers van college en cliënten. Dit maakte ook dat wij in noodgevallen bij clienten niet meer op een verantwoordelijke manier konden handelen of ingrijpen. Wat veel stress bij mij veroorzaakte. Ik hoopte maar dat er geen noodgevallen zouden gebeuren.
Op 8 januari kregen we een brief dat ineens de joodse feestdagen niet meer
als feestdagen vergoedt zou worden ondanks een eerdere belofte dat dit nog
2 jaar zou doorlopen. En op 15 januari kregen we ineens te horen dat de reis-
tijden tussen cliënten niet meer vergoedt zou worden. Dit betekende veel voor
mij, want ik fietste lange roosters en lange afstanden. Ook bij de overname was
ons beloofd kleinere wijken te krijgen maar dat gebeurde ook niet. Het kwam er
nu op neer dat ik per week ongeveer 10 uur niet betaald kreeg en nog meer moest gaan werken om niet in de min-uren te worden gezet. Wat betreft de studie werden er ook geen cliënten geleverd om de proeven voort te kunnen zetten. Iedereen drong aan op een bijeenkomst maar die zou er pas komen op 31 januari.

Op donderdag 25 januari barstte bij mij de bom toen ik las dat op vrijdagavond een rooster van maar liefst 19 cliënten kreeg voorgeschoteld, een onmogelijke opgave ik zou om half een 's nachts klaar zijn als alles meezat. En werd betaald tot 22.00 uur 's avonds. Ik ben die donderdag naar kantoor gefietst om te willen praten met mijn teamleidster. Ik hoorde van iemand dat zij ergens boven zou zitten en heb op de deur geklopt. Toen ik mijn hoofd om de deur stak sprak zij mij boos aan met de woorden “Hoe durf jij hier binnen te komen ik zit in een vergadering”. Er zat nog iemand naast haar, maar verder leek het niet echt een vergadering. Ik antwoordde dat ik graag een gesprek met haar wilde en zij zei niets terug maar bleef mij boos aankijken. Dit werkte bij haar als een rode lap op een stier en ik heb haar toen nog vlug meegedeeld dat ik dat rooster
voor morgenavond niet van plan was te doen.
Ik deed de deur dicht zat nog wat op de gang met iemand te praten en na 20 minuten kwam ze boos naar mij toelopen en zei dat ik mij morgenochtend om 10 uur moest melden op het hoofdkantoor. Ik drong nog aan op een gesprek en vertelde haar dat ik die ochtend verhinderd was maar zij liep nog steeds weg. Ik heb 'savonds nog een E-mail gestuurd naar het hoofdkantoor, maar die werd geblokkeerd als eveneens een e-mail aan mij docente van de studie en die werd ook geblokkeerd.

Op vrijdagmorgen heb ik toen mijzelf ziek gemeld en maandagavond kreeg een
brief dat ik mij niet ziek had gemeld, dat mijn contract wat vreemd genoeg op
28 februari afliep niet verlengd zou worden en dat ik ook de opleiding die nog
2 maanden zou duren niet kon afmaken.
Ik heb toen contact opgenomen met de FNV en deze verzochten mij zoveel
mogelijk stukken op te sturen die gerelateerd waren aan de problemen en
zij zouden een juriste voor mij zoeken. Hier ging natuurlijk wat tijd overeen
maar nog ruim voor het aflopen van mijn contract op 28 februari heeft de FNV
nog een bemiddelingspoging gedaan die echter werd afgewimpeld onder het
motto: “ we laten het hierbij”. Toen ben ik nog naar het Juridisch Loket gegaan
en die zeiden dat ze ook niet veel voor mij konden doen, omdat je bijna geen
reden hoeft te hebben om iemands contract niet te verlengen.Het vreemde was ook wat er gebeurde is nadat ik mij op drie verschillende telefoonnummers van Cordaan ziek had gemeld, ik op maandag-avond een brief aangetekend ontving
van Cordaan waarin stond dat ik op vrijdagavond 26 januari werkzaamheden had geweigerd, en mij niet ziek had gemeld terwijl ik de volgende dag op dinsdag al door iemand anders van Cordaan aangemeld was om bij hun bedrijfsarts te verschijnen. Deze bedrijfsarts stelde een diagnose.

De eerste 2 maanden na de ziekmelding werd ik met rust gelaten,
maar moest wel steeds om de 6 weken naar de bedrijfsarts toe van
het re-integratiebedrijf SV land een bedrijf wat via een een eigen risico
aansprakelijkheidsformule mij verder moest begeleiden. Ik kwam dus
niet bij het UWV terecht. Op 10 april heb ik dit bedrijf gemeld dat ik
nog naar het juridisch loket ben gegaan om te onderzoeken of het
mogelijk was een procedure te beginnen tegen Cordaan. Dit vonden
ze ok. Half april werd ik verzocht door mevr. E. zaal van het re-integratie-
bedrijf een plan van aanpak te gaan maken. Ik heb tegen haar gezegd dat
ik misschien nog wel iets kon gaan doen met een film die ik in 2012 had
gemaakt. Hier kreeg ik op 30 april een positieve reactie via een mail over.
Ik vertelde haar ook dat wat betreft de editing van deze film mijn visie
iets gewijzigd was en dat ik bepaalde dingen nog wilde veranderen en
ook het editing-programma weer even moest doornemen om dit te kunnen
doen. Dat was ook allemaal prima volgens haar en ze vond het ook niet erg
als het zou mislukken “het was immers al heel goed dat ik ergens weer mee
bezig was”. Op 8 mei vroeg ze of het al een beetje lukte en vertelde ik dat
het wel moeilijk was ook i.v.m met de warmte om er aan te werken met iemand.
Niemand in mijn omgeving had zin om in de hitte mij te helpen bij het editten.
Op 8 juni had ik weer een bezoek bij de bedrijfsarts en deze melde dat mijn
situatie niet veel verbeterd was op geestelijk en fysiek vlak.

Op 13 juni werd ik weer verzocht om bij mevr. Zaal langs te komen ze
wilde mijn film niet zien, vond het goed dat ik in de filmwereld zou gaan
netwerken, maar kwam ineens met een vrijwilligersbaantje aan bij nota
bene Cordaan. Hier ben ik erg boos over geworden temeer ik haar uitge-
breid verteld had over wat mij was overkomen met Cordaan en ik nooit
meer iets wilde doen voor hun. Achteraf schreef ze terug in een e-mail
dat ik gelijk had en dat ze dat verkeerd had ingeschat.
Vanaf januari ben ik onder behandeling van een psycholoog, de huisarts
heeft verklaard dat ik een burn-out heb en een golfarm overgehouden
aan de overbelasting van mijn werk in januari voor Cordaan. De huisarts
zei over deze golfarm dar er geen fysiotherapie voor is doch ben ik via
via iemand tegengekomen die wel een goede fysiotherapeute voor mij wist.
Op 19 juni heb ik dit doorgegeven aan mevr. Zaal.
Doch vond zij dat ik maar eens vrijwiligersbaantje of betaald werk zou
moeten gaan doen. Ik antwoordde haar dat ik nu eindelijk eerst eens
wil gaan genezen van mijn arm voordat ik aan het werk zou gaan. Hier
was zij het niet met mij eens en zei dat ze mij een strafkorting via toe-
stemming van het UWV op zou gaan leggen en zo geschiedde.

woensdag 27 juni 2018

Leugens, suggestieve berichtgeving en verdraaiingen bij een hetze tegen Turkse bijstandsgerechtigden

Regelmatig houden partijen in het politiek rechtse spectrum met in hun kielzog allerlei boze lieden op sociale media en weblogs zich bezig met vreemdelingenhaat en het bashen van bijstandsgerechtigden. Wanneer die twee kunnen worden gecombineerd gaan ze helemaal los. Een voorbeeld is een artikel in Elsevier van Linda Otter waarin de stelling wordt verkondigd, dat 20% van de Turkse bijstandsgerechtigden in Nederland wordt verdacht van fraude met onroerend goed in Turkije. Hieronder een analyse van het artikel, en van de stelling. Aangetoond wordt, dat de aanname berust op leugens, verdraaiingen en suggestieve berichtgeving. 

De kwestie van de frauderende Turkse uitkeringsgerechtigden blijkt steeds weer, ondanks het ontbreken van bewijzen, door de PVV, VVD en Forum voor Democratie op de agenda te worden gezet met daarbij de roep om de rechten van bijstandsgerechtigden en migranten verder af te breken en de zeer strenge controles nog verder uit te breiden. Terwijl Jonathan Witteman de rechteloosheid naar voren bracht van bijstandsgerechtigden bij de opsporing van fraude in de Volkskrant van vorige week zaterdag, zette de rechtse bagger de tegenaanval in. In Elseviers weekblad van vorige week een uitgebreid artikel van Linda Otter over frauderende Turkse bijstandsgerechtigden in Nederland die villa’s en ander onroerend goed in Turkije zouden bezitten en dit niet opgeven aan de sociale dienst. Het artikel wordt op sociale media uitgebreid geciteerd als een bewijs voor die klaplopende Turkse bijstandsgerechtigden die de kluit zouden belazeren en waarbij zeer strenge controles nodig zouden zijn. Zonder probleem worden vreemdelingenhaat en bijstandsgerechtigden bashen in een artikel gecombineerd.
Op welke schaal?
Wij hebben het artikel aandachtig gelezen. Voorop gesteld zij, dat fraude natuurlijk voorkomt. En dan bijvoorbeeld bij AOW-ers met de Turkse nationaliteit, die een aanvullende IOA uitkering hebben. Maar op welke schaal? Het artikel wekt de suggestie, dat het zeer vaak voorkomt. Maar het bewijs daarvoor is flinterdun. Er wordt gezegd dat ‘Nederlandse gemeenten’ schatten dat 1 op de 5 Turkse bijstandsgerechtigden op deze manier zou frauderen. Let op het woordje zou. Een bronvermelding wordt niet genoemd. Verderop in dit artikel gaan we de bronnen na van dit bericht. Verder is het artikel gebaseerd op 3 getuigenverklaringen van Turken in Turkije, die geen inkomsten uit Europa hebben. Het zou heel goed kunnen, dat er sociale tegenstellingen beginnen te ontstaan tussen de teruggekeerde Turken, die inkomsten hebben uit hun werk in Europa, en die dit investeren in Turkije, en de rest van de bevolking, die dat niet hebben. In het artikel wordt handig gebruik gemaakt van deze tegenstellingen. De subjectieve verklaringen van deze getuigen op basis van ‘ik heb gehoord dat’ zijn daarom een zeer dun bewijs.
Onbewezen uitspraak
“Bijna alle Turken die in Nederland, Duitsland of België wonen, hebben een huis en een lap grond in Turkije, en velen hebben diverse huizen.” Waar haalt Linda Otter deze informatie vandaan? Als zij spreekt over Turken in Nederland, Duitsland en België dan gaat het om bijna vier miljoen mensen. Zij zegt dat bijna al die Turken een huis en een lap grond in Turkije hebben. En dat velen van hen diverse huizen hebben. Hoeveel zijn dat er dan? Wat verstaat zij onder ‘velen’? Heeft zij het dan over enkelen, tientallen, honderden, duizenden, tienduizenden, honderdduizenden of miljoenen Turken? Ja, het ligt er maar net aan wat je ‘veel’ vindt. Zij vertelt niet hoe zij aan die informatie komt. Is dat ooit onderzocht? Zijn er onderzoeksrapporten waarin die informatie staat? Nergens blijkt dat uit haar artikel. En hoe komt ze d’r bij dat “bijna alle Turken die in Nederland, Duitsland of België wonen, een huis en een lap grond in Turkije hebben”? Ene Ahmet Ozçelik (54) heeft het haar verteld. Wie is dan Ahmet Ozçelik helemaal? Is hij een wetenschapper, een statisticus die dat allemaal keurig heeft onderzocht en netjes vastgesteld? Of is hij een Turks-Duitse boerenlul die zonder iets onderzocht en concreet vastgesteld te hebben alleen maar op basis van zijn subjectieve indrukken en beperkte ervaringen uit zijn nek kletst en verkeerde algemene conclusies trekt. De bronnen van Linda Otter ontbreken of zijn vaag, onduidelijk en onbetrouwbaar. Wat zij van Ahmet Ozçelik heeft gekregen en doorgeeft is geen informatie maar desinformatie. Het artikel speelt alleen de vreemdelingenhaters en de racisten in de kaart. Hen lever je op deze manier munitie aan die zij vervolgens dankbaar en gretig aanwenden voor verdere beknotting van rechten en het plegen van racistische haatzaaierij die tot verdere verdeling en polarisatie in Nederland zal leiden. Dat is iets wat de Nederlandse samenleving niet nodig heeft.
Vijftien mensen op een terras
Nog een quote uit het artikel: ‘Kijk, daar zitten vijftien mensen op het terras, die allen wantrouwend naar ons kijken. Ze gaan me straks vragen wie jij was’. In het artikel wordt de suggestie gewekt, dat het zou gaan om bijstandsgerechtigden. Waarom zouden we van Ahmet Ozçelik zonder meer aannemen dat de vijftien mannen die bij het café in Adayazi zaten te kaarten argwanende blikken wierpen op de buitenlandse bezoeker? Misschien waren het geen argwanende maar nieuwsgierige blikken omdat de mannen niets te verbergen hebben omdat zij een andere uitkering genieten dan een bijstandsuitkering waarvoor meestal geen vermogenstoets geldt. Misschien waren het voor een onbekend groot deel mannen die in Nederland of Duitsland gewoon werkten en er op vakantie of familiebezoek waren. Linda Otter neemt niet de moeite om de waarneming van de getuige te verifieren en het hen te vragen.
Hoe gaat het met Turkije?
Er wordt in het artikel door Ahmet Ozçelik beweerd dat onder Erdogan de Turkse economie gegroeid is, dat Turkije ontwikkeld en gemoderniseerd is enz. Hoe kan het dan dat de staatsschuld sinds Erdogan aan de macht is verdriedubbeld is? Hoe kan het dan zijn dat de werkloosheid onder zijn macht meer dan verdubbeld is? Hoe kan het zijn dat het productievolume in het land onder Erdogan sterk ingekrompen is en het importvolume 38,8% groter is dan het exportvolume? Door Erdogans politiek van ongekende privatisering kwamen miljoenen arbeiders op straat terecht en werd bij honderdduizenden kleine boeren het brood uit de hand gerukt. Die boeren zijn tot een door honger en uitzichtloosheid getekend bestaan veroordeeld. En dan hebben we het nog niet gehad over de situatie van mensenrechten, vakbondsrechten, persvrijheid, de onderdrukking van de Koerden, de alevieten en de andere bevolkingsgroepen onder Erdogans regime. We hebben het ook nog niet gehad over de directe of indirecte betrokkenheid van  Erdogan en zijn regime bij de ontwrichting van Irak en Syrië en medeverantwoordelijkheid voor de moorden en andere misdaden van ISIS, QAÏDA-NUSRA en de andere terroristische moordbendes die onder andere bekend staan als het ‘vrije Syrische leger’ of de ‘gematigde oppositie’.
En we hebben het dan ook niet gehad over de valsheid van het door Erdogan verspreide beeld dat hij door de meerderheid van het volk gewild en gewenst zou zijn. Degenen die beweren dat Erdogan door de meerderheid van het volk gewild zou zijn hebben het niet over de enorme verkiezingsfraude waar Erdogan zich keer op keer schuldig aan maakt. Ze willen niet geconfronteerd worden met het feit dat Erdogan zonder verkiezingsfraude al lang weggestemd zou zijn. Ahmet Ozçelik die duidelijk niet alleen een Erdogan-stemmer, maar bovendien een overtuigd Erdogan-aanhanger is, zal natuurlijk niets anders dan lof spreken over de politiek van Erdogan en de AKP-regering. Die zal de gevolgen van die politiek voor de miljoenen arbeiders en miljoenen arme boeren uiteraard verzwijgen. En misschien kent hij de situatie van de arbeiders en boeren in Turkije helemaal niet. Hij maakt er zelf zo te zien al lang geen deel meer van uit.
De hetze in Nederland
Het zal de rechtse bagger een zorg zijn. Zij hebben in hun propagandamachine weer slachtoffers gevonden om tegenaan te trappen. Op twitter gaan de bashers los. Aandachtig en kritisch beoordelen van het artikel is er niet bij. Het artikel mist zijn uitwerking niet. Ab Flipse is blijkens zijn profiel op twitter ‘geldcoach, mediator en claimexpert. Voorzitter oa Vereniging http://woekerpolis.nl. Wekelijks live op omroep Flevoland. Hij stuurt de volgende tweet de wereld in: ‘Ik ben het zo ongelofelijk zat belasting te blijven betalen aan hen die ons recht in onze smoel uitlachen. Ik voel mij zo ontzettend misbruikt, genaaid en geminacht door mijn eigen hypocriete overheid, dat ik zelfs misselijk ben van woede.' De tweet is 421 maal geretweet en heeft 565 likes. Honderden tweets worden de wereld ingestuurd met als teneur: er zijn veel Turken in de bijstand die frauderen met onroerend goed in Turkije. Het blijkt een geliefd onderwerp te zijn dat periodiek steeds in het nieuws terugkeert. Net als bijvoorbeeld enerzijds een groot aantal werklozen en anderzijds grote tekorten aan arbeidskrachten in de tuinbouw. Achtergronden daarvan worden niet over het voetlicht gebracht.
Telegraaf-artikel
De kwestie van frauderende Turken in de bijstand dook ook op op 23 februari, in de Telegraaf. Volgens de rechter is er sprake van discriminatie omdat gemeenten particuliere bureaus vermogensonderzoek laten doen in Turkije, maar niet in andere landen. In recente vonnissen werd daarom bepaald dat betrapte fraudeurs geen geld hoeven terug te betalen. De Telegraaf meldt dat het zou blijken ‘uit een reeks van vonnissen die wij hebben bestudeerd’. Beetje vaag dus. In welk vonnis staat dat? Is het misschien een subjectieve uitspraak van een (particuliere) opsporingsambtenaar? Dat blijkt niet het geval te zijn. In het Telegraaf-artikel wordt met name ingegaan op een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep over de handelwijze van de gemeente Tilburg. Die uitspraak van de Centrale Raad van Beroep maar eens opgezocht (1) en wat blijkt? In deze uitspraak komt de schatting van 20% voor. De gemeente Tilburg was een pilot begonnen om fraude op te sporen waarbij alle bijstandsgerechtigden met een niet-nederlandse nationaliteit werden onderzocht maar er werd vervolgens een splitsing in de pilot gemaakt tussen Turkse bijstandsgerechtigden en anderen. En nu komt het: de gemeente Tilburg veronderstelde vooraf dat 20 tot 25 % van hen zou frauderen. Dus de schatting van 20% heeft betrekking op een specifieke steekproef uit Tilburg. Het is dus geen representatieve steekproef onder Turkse Nederlanders. Maar Telegraaf journalist Joris Polman maakte ervan: tegen 20% van de Turkse bijstandsgerechtigden in Nederland bestaat de verdenking dat ze frauderen met onroerend goed.
Interessant is ook wat het onderzoek in de pilot nou eigenlijk opleverde. Vijfhonderdvijftien dossiers van Turkse uitkeringsgerechtigden werden onderzocht. Na een eerste selectie werden 100 dossiers toegezonden aan het bureau dat de fraude moest onderzoeken. Met de andere dossiers was blijkbaar sowieso niets aan de hand. Na een verder indicatieonderzoek bleven 79 dossiers over. Die dossiers werden vervolgens door het bureau dat het onderzoek verrichtte aan een precheck onderworpen. Toen bleven er nog 15 dossiers over die men ‘onderzoekswaardig’ noemde. In de pilot zijn vervolgens 9 van deze dossiers daadwerkelijk onderzocht. In die gevallen werd onroerend goed in Turkije aangetroffen.
Andere bron
Maar als het gaat om het vaststellen van de omvang van fraude met onroerend goed door Turkse bijstandsgerechtigden wordt in de uitspraak nog een andere bron genoemd. Er vond een ‘spoeddebat’ plaats in de Tweede Kamer op 31 maart 2011, waarin zou worden gesteld dat minimaal 10% van de bijstandsgerechtigden van niet-westerse afkomst verzwegen vermogen in het land van herkomst heeft. Althans, zo staat het in de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep. Om te beginnen is dit alvast de helft minder dan de schattingen die door de Telegraaf en Elsevier worden genoemd. Ook deze bron er maar eens bijgepakt. Het blijkt te gaan om een onderzoek van het Bureau Fraude Informatie in opdracht van het Ministerie van Sociale Zaken. Het gaat om een gericht onderzoek naar mensen bij wie men al fraude vermoedde. De bezittingen en inkomsten van 945 personen die in Nederland een bijstandsuitkering ontvangen, zijn nagetrokken. Daarvan bleek 10 procent ook daadwerkelijk te hebben gefraudeerd. De motivatie van de gemeente Tilburg om een nader onderzoek in een pilot in te stellen naar onroerend goed van Turkse bijstandsgerechtigden omdat in zijn algemeenheid 10% zou frauderen is dus op niets gebaseerd. Het gaat alleen maar om 10% van de dossiers die al waren uitgeselecteerd op vermoeden van fraude.
De heren Azmani van de VVD en De Jong van de PVV vroegen een spoeddebat aan in de Tweede Kamer, ook weer naar aanleiding van een artikel in de Telegraaf van 8 februari 2011. Hoewel dus uit niets blijkt dat er op grote schaal iets vreselijks aan de hand is schreeuwen de VVD en de PVV moord en brand, met in hun kielzog de vele rechtse bagger op internet. Ook toen het Telegraafartikel van 23 februari 2018 verscheen brak de rechtse bagger los over hetzelfde onderwerp. De rechter zou gezegd hebben dat het discriminatie is dat in Turkije particuliere onderzoeksbureau’s worden ingeschakeld. Voor de rechtse bagger is dit koren op de molen. Discriminatie?!. Wij Nederlanders worden gediscrimineerd, bij ons wel strenge controles en de Turken gaan vrijuit. De VVD liet weten laaiend te zijn. En weer werd een spoeddebat aangevraagd in de Tweede Kamer. Het patroon is steeds hetzelfde. Wanneer opsporingsinstanties een rapport over opgespoorde fraude van migranten publiceren, of wanneer een verband wordt gelegd tussen migratie en bijstand zoals bij de publicatie van het CBS over de oorzaak van de geldtekorten in het bijstandsbudget ven gemeenten die het gevolg zouden zijn van de komst van politieke vluchtelingen, verschijnt er een suggestief artikel in de Telegraaf en daarop volgend wordt door VVD, PVV of Forum voor Democratie een spoeddebat aangevraagd in de Tweede Kamer, waarbij het Telegraaf-artikel dan als reden wordt genoemd om de urgentie van het ‘probleem’ dat prominent in het nieuws komt aan te tonen. Deze strategie volgt de VVD al minstens sinds de jaren negentig van de vorige eeuw.
Achtergrond van de rechterlijke uitspraak
Nog even terug naar de in dit artikel behandelde uitspraak van de Centrale Raad van Beroep. De onderzoekingen in Turkije werden verricht door een commercieel onderzoeksbureau, dat geld verdient met het opsporen van fraude. De onderzoekingen in andere landen werden door een niet-commercieel bureau uitgevoerd. Het is vaste jurisprudentie dat de rechter bewijzen die zijn verzameld door dergelijke commerciele bureau’s niet accepteert. Gemeenten hadden ook bij de opsporing van fraude bij Nederlandse bijstandsgerechtigden dergelijke bureau’s ingeschakeld, die vaak werken op basis van ‘no cure no pay’. De rechters vinden, dat dit niet kan en hebben er een streep door gezet. Gelukkig. De objectiviteit van het onderzoek, de wetmatigheid van gebruikte opsporingsmethoden, de redelijke behandeling van de verdachten komen onder druk te staan als de opsporingsfunctionaris financieel belang heeft bij de opsporing en geld verdient wanneer de fraude zogenaamd wordt aangetoond. Dit betekent echter niet, dat rechters tegen zeer strenge controles zijn.
Dit artikel werd geschreven samen met Meriç Esin
(1) https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:CRVB:2017:43...

Piet van der Lende

donderdag 21 juni 2018

Stand van zaken experiment met bijverdienen naast je bijstandsuitkering in Amsterdam.

Inmiddels is het nieuwe experiment met bijverdienen naast je uitkering van start gegaan. Elke deelnemer kan maximaal 200 euro premie ontvangen die tweemaal per jaar wordt uitgekeerd, 30 juni en 30 november. De duur van het experiment is twee jaar. De inschrijftermijn voor het experiment eindigt op 31 juli 2018. Na 1 jaar volgt een evaluatie in het College van burgemeester en wethouders met de mogelijkheid om te stoppen als resultaten van het experiment uitblijven.

Inmiddels hebben 2360 mensen zich opgegeven voor het experiment. 1200 van hen hebben al part-time werk. 750 deelnemers doen mee aan een wetenschappelijk onderzoek over het experiment in de stadsdelen Nieuw West, Zuid-Oost, Noord en Oost. De resultaten van het experiment worden in 2019 in Pakhuis de Zwijger gepresenteerd. De ambtenaren zijn momenteel met de intake van de klanten bezig. In het wetenschappelijk onderzoek worden klanten voor de eerste maal geïnterviewd tussen 1 februari en 1 juli 2018. Er zijn al 300 interviews gedaan.

Inmiddels zijn de eerste ervaringen met het experiment bij de Bijstandsbond binnengekomen. Iemand heeft een deeltijdbaan als postbezorger. Hij had zich opgegeven voor het experiment. Het blijkt, dat de klantmanager de bijverdienregeling die al in de Participatiewet staat (dus niet het Amsterdamse experiment) op hem van toepassing verklaarde hoewel betrokkene daar niet zozeer om gevraaagd had. In principe is het mogelijk, de reeds bestaande bijverdiensteregelingen met het experiment te combineren. Et ontstaat dan echter een zeer ingewikkelde situatie. De bijverdienregeling uit de Participtiewet wordt onmiddellijk op de uitkering toegepast. Achteraf moet dan voor de uitkering van juli berekend worden, hoeveel extra premie betrokkene krijgt. Nu al is het bij betrokkene een ingewikkelde cijferbrij waar moeilijk uit te komen valt, en voor juli wordt het nog erger. De WPI is een pilot gestart van deskundigen, die alle berekeningen kunnen uitvoeren.

Piet van der Lende

woensdag 20 juni 2018

Actie op komst voor een wettelijk verbod op huisuitzettingen wegens huurschuld. Tegelijkertijd wordt de nieuwe handreiking voorkomen huisuitzettingen gepresenteerd

We willen u van harte uitnodigen voor de presentatie van de Handreiking Voorkomen Huisuitzettingen op 6 juli in Amersfoort.

De Handreiking Voorkomen Huisuitzettingen van Eropaf! heeft tot doel om huisuitzetting van mensen met schulden definitief af te wenden. In iedere fase van het proces is interventie mogelijk.

De Handreiking is nu verschenen in een nieuwe, geactualiseerde editie:
  • Er zijn betere methodes ontwikkeld om huisuitzettingen te voorkomen
  • Er zijn diverse vernieuwende praktijken ontwikkeld
  • Er zijn baanbrekende inzichten over motivatie, gedragsverandering en zelfsturing van mensen met schulden
Met dit handboek streeft Eropaf! naar afname van het aantal huisuitzettingen door schulden.
Om dakloosheid en maatschappelijke onthechting te voorkomen. Om de positie van kwetsbare mensen te verbeteren.
Omdat uiteindelijk de samenleving opdraait voor de kosten van opvang, hulpverlening, herstel en herhuisvesting.

De Handreiking Voorkomen Huisuitzettingen wordt gepresenteerd op vrijdag 6 juli in Amersfoort, op het Seminar Voorkomen Huisuitzettingen. Gedurende dit seminar bespreken we de mogelijkheid van een wettelijk verbod op huisuitzettingen wegens huurschuld.

U bent daarbij van harte welkom!

Toegang is gratis. Bezoekers krijgen een exemplaar van de Handreiking cadeau.

De locatie is afhankelijk van het aantal deelnemers: het wordt òf Stadslab 033 (Oude Fabrieksstraat 7), òf Podium Fluor (Oude Fabrieksstraat 29).
Beide locaties liggen vlak bij elkaar in Amersfoort. U krijgt na aanmelding bericht welk adres het wordt. 
Datum: vrijdag 6 juli van 10:30 – 12:00 uur.
Meer informatie: Eropaf.nl
Aanmelden via info@eropaf.nl

zondag 17 juni 2018

De rechteloosheid van bijstandsgerechtigden

Voor de zoveelste maal sinds de jaren '80 van de vorige eeuw ontdekken de massamedia de schande van de vele rechteloze armen in Nederland. Behalve de  Volkskrant ook  de NRC die kopt: 'armoede 1. 087.000'. Waarmee wordt bedoeld dat er in een van de rijkste landen ter wereld meer dan 1 miljoen armen zijn. Maar de reportages over armoede in NRC van gisteren lopen toch weer uit op 'blaming the victim'. Het ligt aan armen zelf, dat ze arm zijn. Daarom streven naar gedragsverandering. Aanpak van sociale en bureaucratische uitsluiting die wel in reportages naar voren komt blijft buiten beeld.
Jonathan Witteman schreef een reportage over de rechteloosheid van bijstandsgerechtigden die verscheen in de Volkskrant van zaterdag. Hij is ook bekend van een reportage uit december 2013 in de Volkskrant toen hij met onze medewerking de misstanden aan de kaak stelde bij het dwangarbeidscentrum van Herstelling werk en uitvoering aan de Laarderhoogtweg in Amsterdam waar bijstandsgerechtigden tewerk werden gesteld met behoud van uitkering.  Deze reportage en een zwartboek van de Bijstandsbond hebben ertoe geleid, dat de gemeente Amsterdam uiteindelijk een onderzoek liet instellen door het gemeentelijk Bureau Integriteit waarbij de misstanden werden bevestigd. Daarop werden maatregelen genomen. Het dwangarbeidscentrum is inmiddels gesloten. Teneur van het nieuwe artikel over de rechteloosheid van bijstandsgerechtigden: er worden op grote schaal achtervolgingen, GPS-trackers, camera’s en doorzoeken van databanken zoals van de OV-chipkaart ingezet waarbij veel meer mag dan in het strafrecht (de opsporingen van bijstandsfraude vallen beneden de 50.000 euro onder het bestuursrecht) vergaande opsporingsmethoden kunnen worden ingezet. De bijstandsgerechtigde is rechtelozer dan een crimineel.  De waarneming die uitgebreid in de reportage wordt behandeld dat sociale rechercheurs naar aanleiding van de verhoorprotocollen verdraaide verslagen opstellen kunnen wij bevestigen. Dat gebeurt in Amsterdam ook. Men verdraait de feiten op grote schaal om de zogenaamde fraude te kunnen bewijzen. Een uitspraak in de verhoorprotocollen: ‘ik eet iedere dinsdag bij mijn vriendin’ wordt dan in het verslag: ‘ik eet regelmatig bij mijn vriendin’. De verslagen worden bovendien soms opgesteld door opsporingsambtenaren, die het Nederlands qua lezen en schrijven slecht beheersen.

Hopelijk zal de reportage over de misstanden bij de opsporing van fraude van bijstandsgerechtigden ertoe leiden, dat ook hier maatregelen worden genomen en dat een discussie op gang komt over de onuitvoerbare Participatiewet. Maar dan moet het kwartje wel vallen dat ingewikkelde principes van de Participatiewet (bijstand) onvermijdelijk tot dit soort praktijken leidt.(Inleveren als je wat kosten bespaart of extra inkomsten hebt + partnertoets) Ook door diep graven vaak nauwelijks te bewijzen. Zodat de rechercheurs op subjectieve en manipulatieve wijze proberen het moeilijke bewijs rond te krijgen. Decennia lang misstanden in de reïntegratie industrie, bijstandsgerechtigden zijn rechtelozer dan criminelen, bijstanders bashen van de rechtse partijen met Dijkhof van de VVD als voorbeeld, wanneer gaat de beerput eens volledig open?. De malversaties in de reïntegratie industrie zijn begonnen met de ESF fraude in de jaren 90. Daarna fraude in de particuliere reïntegratieindustrie. Daarna de misstanden van het werken met behoud van uitkering o.a. in Amsterdam met Herstelling Een gigantische beerput van misleiding, gesjoemel in veel gemeenten

Maar ik denk dat het maatschappelijk middenveld van gesubsideerde welzijnsorganisaties en het inspraakcircus teveel genuanceerde meewerk boter op zijn hoofd heeft om op de herontdekking van de armoede door de massamedia in te spelen.

Piet van der Lende

zaterdag 16 juni 2018

Bijstandsgerechtigden zijn rechtelozer dan criminelen

#bijstandsfraude Hee, bij de @volkskrant zijn ze ook wakker geworden. Dit is al  jaren bekend. Toch mooie reportages en het is goed dat ze er aandacht  aan besteden. Teneur: bijstandsgerechtigden zijn rechtelozer dan  criminelen.
 https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/rechtsgeleerden-maken-zich-zorgen-bijstandsfraudeurs-slechter-beschermd-dan-verdachten-in-strafzaken-~b78fc3f1/

maandag 11 juni 2018

Wijziging van codes op de uitkeringsspecificaties van bijstandsgerechtigden in Amsterdam

Bij de Bijstandsbond komen vragen binnen over de wijziging van de codes op de uitkeringsspecificatie. Terwijl voorheen de trede werd vermeld, is dat nu niet meer het geval en wordt alleen vermeld: Team Inkomen 1, 2, 3, 4. Wij hebben geïnformaeerd naar de reden van dze wijzigingen. Daarop hebben wij het volgende antwoord gekregen.

Het WPI is per 04.05.2018 overgegaan op een andere teamindeling, met deze verandering zijn tevens de teamnamen aangepast. Deze aanpassing is voor klanten zichtbaar op de uitkeringspecificaties.

Door de keuze voor een andere teamindeling is er niet langer een onderscheid in trede of leeftijd, hierdoor zijn er geen dossieroverdrachten meer nodig wanneer een klant 27 jaar wordt of overgaat naar een andere trede. Voorheen maakte deze beweging dat de klant overging naar een ander team en daarmee ook een ander contactpersoon gekoppeld kreeg. Deze dossieroverdrachten zijn in termen van dienstverlening onnodig en maakte dat WPI maandelijks handmatig zo rond de 700-1200 dossiers aan het verplaatsen waren. Ook na een degelijke wisseling zag de klant de verandering terug op zijn/haar specificatie.

Om te zorgen dat de teams gelijkwaardig zijn in klantenaantallen en uniform dienstverlening kunnen bieden heeft het WPI als genoemd per 04.05.2018 eenmalig het klantenbestand aangepast, onderstaand een overzicht van de oude/nieuwe indeling.

Team Activering > Team Inkomen 1: west / Gaasperdam

Team Activering 2 > Team Inkomen 2:  noord / Bijlmer

Team Activering 3 > Team Inkomen 3:  nieuw west / centrum

Team Werk > Team Inkomen 4: oost / zuid

Klanten kunnen bij hun klantmanager meer informatie vragen. Ook zullen klanten in gersprekken worden ingelicht, indien de klant of de manager dit nodig vindt. Mochten er nog nadere vragen zijn, stuur die dan naar ons op, dan kunnen wij ze stellen.

Piet van der Lende

Uitnodiging Fête de la Musique Zaterdag 23 juni 2018 15.00-22.00 uur


Open Podium:
 Kom naar het
Fête de la Musique (het feest van de muziek) om muziek te maken of om gewoon lekker te luisteren! Het begin van de zomer is een mooi moment om met elkaar feest te vieren. Iedereen is welkom, jong en oud, arm en rijk, amateur of artiest, en ook kinderen kunnen mee doen. Velen van ons maken thuis muziek. Dit is dé gelegenheid om je instrument mee te nemen en ook voor publiek en samen te spelen.


Doe mee!
Speel je een instrument (als amateur of professional), kun je goed zingen? Doe mee!
Kom en luister, zing, dans, speel en leer andere buurtbewoners kennen die ook van muziek houden. Je kunt op 26 juni gewoon naar het open podium komen en spontaan meedoen of meld je aan voor Fête de la Musique via een email.

Wat is Fête de la Musique?
Fête de la Musique is een spontaan muziekfestival. Het is begonnen in 1982 in Frankrijk en wordt in steeds meer landen gevierd op de eerste dag van de zomer. Alle optredens zijn gratis toegankelijk voor iedereen. Dit is de zesde keer dat het Fête de la Musique zal plaatsvinden in Amsterdam West georganiseerd door de bewonersorganisatie ‘Wereldse Wijk’. Dit keer in samenwerking met de woon-werk vereniging WG-terrein.



Met vriendelijke groet

Abdelmalek Mellouk

Voorzitter | St. Wereldse Wijk | Anna Spenglerstraat 67, 1054 NH Amsterdam | 06-404 73 567
www.wereldsewijk.nl | wereldsewijk@hotmail.com

Aanvragen van Bijzondere Bijstand in Amsterdam. Vraag hulp van de Bijstandsbond.

De Bijstandsbond heeft ervaren, dat aanvragen voor bijzondere bijstand niet altijd goed worden afgehandeld. Hoewel een zorgvuldige beoordeling van de individuele omstandigheden moet plaatsvinden, is dit niet altijd het geval. Sommige mensen die het call center van WPI (sociale dienst) bellen krijgen te horen: ik stuur u geen formulier, want u komt toch niet in aanmerking. Dit vrijwel uitsluitend op basis van een lijst van voorzieningen die uit de bijzondere bijstand betaald kunnen worden. Er wordt in de lijst gekeken, het staat er niet bij, u krijgt geen formulier. Mensen moeten er dan op staan, dat het formulier toch wordt opgestuurd want dat is de overheid verplicht. Maar sommigen zien er dan maar van af. Wij vermoeden, dat daardoor mensen geen bijzondere bijstand krijgen terwijl ze er in principe wel voor in aanmerking komen.

Op de website van de gemeente Amsterdam kun je digitaal alleen voor zeer bepaalde kosten bijzondere bijstand aanvragen. Je moet dus in de meeste gevallen een formulier hebben. De Bijstandsbond heeft overleg gehad met WPI om deze situatie te verbeteren. OP 28 mei hebben wij afgesproken dat de Bijstandsbond formulieren voor bijzondere bijstand krijgt, die bij ons op het spreekuur kunnen worden ingevuld. De formulieren hebben wij inmiddels ontvangen. Wij hebben maandag 28 mei jl. met WPI gesproken inzake het uitgeven van formulieren voor Bijzondere Bijstand, het volgende is toen afgesproken:
indien een klant zich tot de Bijstandsbond wendt inzake het niet uitgereikt krijgen van een formulier wanneer daar om is gevraagd wordt het formulier dan bij ons ingevuld. Indien de Bijstandsbond een formulier uitgeeft noteert zij een klantkenmerk en de reden voor het niet verstrekken van het formulier door WPI zodat WPI deze signalen op kan pakken en het proces kan verbeteren dan wel met individuele medewerkers het gesprek kan voeren over de handelswijze;

In vervolggesprekken met WPI gaat de Bijstandsbond de werkwijze evalueren. Daarbij kunnen ook andere signalen ter sprake komen in de uitvoeringspraktijk. Hebt u dus zo’n signaal, laat het ons dan weten.

-- Adviezen op het spreekuur van de Bijstandsbond zijn gratis, maar u kunt lid worden voor 17 euro per jaar. Meer of minder mag ook. U kunt met een overschrijvingskaart of via internetbankieren storten op rekening IBAN NL22 INGB 0004 5548 41 t.n.v. Vereniging Bijstandsbond Amsterdam te Amsterdam. Het spreekuur is op dinsdag en donderdag om 11.00 uur tot 16.00 uur, en vanaf 13.00 uur is een advocaat van VHM advocaten aanwezig. http://vhmadvocaten.nl


De ambitieuze doelstellingen van 'knetter links'

In dit stukje wordt aandacht besteed aan de punten uit het coalitieakkoord over werk en inkomen dat de onderhandelaars van Groen Links, D66, SP en Partij van de Arbeid in Amsterdam hebben afgesloten na de gemeenteraadsverkiezingen.

In de inleiding over de 'visie' op werk en inkomen blijkt weinig wat afwijkt van de uitzichtloze mantra's die wel vaker in dit soort coalitieakkoorden worden geformuleerd. Iedereen moet mee kunnen doen, werk is belangrijk. Daar heb je het weer: wat is werk? Wordt betaalde arbeid bedoeld? En de onbetaalde arbeid dan, bijvoorbeeld van mantelzorgers, die van alle kanten worden 'gestraft' voor hun onbetaalde arbeid? Werk -betaald werk dus- is belangrijk omdat het zin geeft en omdat het de beste manier is om armoede te voorkomen staat in het akkoord. Alle argumenten dat dit in veel gevallen niet zo is, blijven buiten beschouwing.

De realiteit is, dat misschien wel driekwart van de bijstandsgerechtigden in de hoofdstad nooit meer betaalde arbeid zal verrichten, omdat ze te lang uit het betaalde werk circuit zijn, de leeftijd van pensioengerechitgde naderen of arbeidsongeschikt zijn. In die zin komt de denkfout bij de benadering van de grote groep weer aan de orde: veel wordt ingezet middels voornemens op het gebied van nieuwe banenplannen, om de mensen weer perspectief te bieden, maar voor een heel grote groep zal dit geen soulaas bieden.

Zijn er niet vele manieren om 'mee te doen met de stad' en wat is de visie daarop? Wel wordt de toetsing van de maatregelen aan een 'breed welvaartsbegrip' geïntroduceerd. Een goed punt is dat weer meer ingezet wordt op gesubsidieerd werk waarbij hopelijk weer een versterking kan komen van het maatschappelijk middenveld met haar vele organisaties. Verder wordt genoemd dat verdringing van reguliere arbeid moet worden voorkomen, maar verder geen woord over het werken met behoud van uitkering en de leer werk stages.

Hoewel op de schuldhulpverlening wat uitgebreider wordt ingegaan, worden weinig concrete inkomensmaatregelen op het gebied van het minimabeleid genoemd. Het  belangrijkste is de verhoging van het inkomen om voor de minimaregelingen in aanmerking te komen tot 130% van het sociale minimum. Wat dit betreft is er ook nog dat de rente die je moet betalen van de Kredietbank wordt verlaagd. Maar ook dit is ingepakt in een vage formulering. Een verhoging van de Individuele Inkomenstoeslag die wij verwacht hadden, wordt niet genoemd. Verder is het een voortzetting van het beleid van Vliegenthart.

Zijn dit nu de ambitieuze doelstellingen van 'knetter links?" Misschien is dit ook wel een gemakkelijk verwijt: het instrumentarium van de gemeente om de groeiende kloof tussen arm en rijk minstens een halt toe te roepen, een kloof waarover Groot Wassink zich vele malen in de publiciteit zorgen maakt, is beperkt. In zijn nieuwjaarstoespraak voor Groen Links in januari bij de aftrap van de campagne voor de gemeenteraadsverkiezingen gaf Rutger Groot Wassink er blijk van, zich zeer goed bewust te zijn van de relatie tussen te sterke marktwerking met haar recht van de sterkste en de afbraak van solidariteit en gemeenschap, en de kloof tussen arm en rijk.

Citaat uit de toespraak: ‘ In zekere zin liggen wij in de frontlinie van het neoliberalisme. In de mondiale matpartij tussen markt en kapitaal versus mens en overheid.  En duidelijker dan elders is hier zichtbaar wat dat betekent voor een samenleving’. Wij zullen hem misschien wel vaker aan deze nieuwjaarstoespraak herinneren. Ik hoop dat we de komende vier jaar met Groot Wassink en zijn coalitiegenoten een positieve, rationele  en objectieve beleidsdiscussie kunnen voeren over de beperkingen van de marktwerking, de noodzaak in te grijpen in de markt en de dilemma’s die het beperkte instrumentarium van de gemeente daarbij oproept.
Voorbij de inhoudsloze mantra’s en frames over een extreem links stadsbestuur van de rechtse bagger,, zoals van Forum voor Democratie, of van de VVD die de bijstandsgerechtigden in armoede wil storten bij monde van o.a. Dijkhoff, fractievoorzitter van de VVD in de Tweede Kamer, maar ook voorbij de ongetwijfeld komende propagnada vcan de coalitiepartijen die ter verdediging eenzijdig de positieve kanten van het coalitie akkoord zullen benadrukken, waarvan er overigens vele zijn. 

Een geredigeerde en enigszins gewijzigde versie van dit artikel is verschenen in het juni nummer van het maandblad MUG.


Piet van der Lende

vrijdag 1 juni 2018

multiloog gespreksgroep

6 juni a.s. woensdag. 14.00 uur-17.00 uur. Multiloog met Heinz Mölders. De multiloog duurt tot 16.00 uur. Da Costakade 162 1053 XD Amsterdam.

We gaan een multiloog doen met Heinz Molders van de stichting IPC/INCA Projectbureau te Amsterdam. Multiloog-bijeenkomsten zijn gespreksgroepen voor iedereen die belangrijke zaken uit het dagelijks leven met een ander wil delen. Wat je ook op je hart hebt, je kunt ermee komen. We gaan in de multiloog onderwerpen behandelen als: omgaan met de klantmanager van Werk Participatie en Inkomen, meer in het algemeen omgaan met bureaucratisch denken van allerlei functionarissen van belastingdienst en gemeente, problemen met buren zoals geluidsoverlast of onveiligheid, de eigen administratie, schulden, werk of werkloosheid, vrijwilligerswerk, stress, etc.

Voorop staat daarbij het eigen verhaal, maar ook gaat het erom te luisteren en vooral de andere deelnemer erin te ondersteunen de voor hem/haar wezenlijke zaken aan de orde te stellen. Iedereen is welkom en indien gewenst is anonimiteit gewaarborgd. Niemand is verplicht iets te vertellen, alleen maar komen luisteren is ook toegestaan.

De gesprekken kunnen gaan over hoe we ons dagelijks leven vormgeven en wat we aan problemen tegenkomen. Door uitwisseling van ervaringen over hoe daarmee om te gaan kunnen we elkaar inspireren om er concreet uit te komen. We gaan met elkaar om vanuit van het persoonlijke verhaal, niet vanuit een hulpverleners positie. We willen elkaar ondersteunen zodat ieder zijn eigen expert kan worden en we proberen te vermijden dat er externe autoriteiten worden ingevoerd.

Mensen worden aangesproken op hun persoonlijke positie, je vertelt als persoon over je eigen ervaringen. Wel kunnen hulpverleners als persoon ook meedoen, waarbij de perspectiefwisseling- je verplaatsen in de positie van de ander- belangrijk is. In het verlengde van die perspectiefwisseling kunnen gezamenlijke initiatieven ontstaan om gezamenlijk iets aan het repressieve systeem dat we ervaren te doen. We leven in een enorm geïndividualiseerde maatschappij, waarbij we slechte dingen sterk toeschrijven aan het handelen van personen, terwijl wij allemaal opgenomen zijn in het onderdrukkende systeem en dat ook aan elkaar doorgeven.

Voor meer informatie:
INCA Projectbureau Amsterdam
Buskenblaserstraat 32'
1055 AJ Amsterdam
tel.:(0031) (0)20-6848012/06 110 67 017
www.inca-pa.nl
heinz.molders@inca-pa.nl

maandag 21 mei 2018

60% wereldbevolking werkt in informele economie

Uit een recent ILO rapport “Women and men in the informal economy: A statistical picture” blijkt dat 2 miljard mensen, meer dan 61% van de werkende bevolking in de wereld, hun inkomen verdienen in de informele economie. De ILO benadrukt dat een overgang naar de formele economie een voorwaarde is om fatsoenlijk te realiseren werk voor iedereen.

Het ILO rapport geeft een overzicht van de omvang van de informele economie en een statistisch profiel van informaliteit met criteria uit meer dan 100 landen. In Afrika is 85,8% van de werkgelegenheid informeel. Het aandeel bedraagt 68,2% in Azië en de Pacific, 68,6% in de Arabische staten, 40% in Noord en Zuid Amerika en 25,1% in Europa en Centraal-Azië. Uit het rapport blijkt dat 93% van de informele banen in de wereld zich in opkomende en ontwikkelingslanden bevindt.

Informele werkgelegenheid is een grotere bron van werkgelegenheid voor mannen (63%) dan voor vrouwen (58,1%). Vrouwen zijn daarentegen meer dan mannen blootgesteld aan informele tewerkstelling in de meeste lage- en middeninkomenslanden en worden vaker aangetroffen in de meest kwetsbare situaties.

Opleidingsniveau blijkt een sleutelfactor. Ook hebben mensen die op het platteland wonen, bijna twee keer zoveel kans op informele tewerkstelling als mensen in stedelijke gebieden. De landbouw is de sector met het hoogste niveau van informele werkgelegenheid (geschat op meer dan 90%).

Het rapport laat zien dat, hoewel niet alle informele werknemers arm zijn, armoede zowel een oorzaak als een gevolg is van informaliteit.

Er zijn dringend maatregelen nodig, aldus 1 van de auteurs, Florence Bonnet:

“There is an urgent need to tackle informality. For hundreds of millions of workers, informality means a lack of social protection, rights at work and decent working conditions, and for enterprises it means low productivity and lack of access to finance. Data on those issues are crucial for designing appropriate and integrated policies that are tailored to the diversity of situations and needs.”



zaterdag 19 mei 2018

Reactie SP op het gebruik van stroomstootwapens in GGZ instellingen

Onlangs schreef ik enige artikelen over het gebruik van stroomstootwapens in de gezondheidszorg door de politie en de manier waarop daklozen behandeld worden. Ik constateerde daarbij dat een meerderheid van de Tweede Kamer tegen het gebruik van stroomstootwapens is, evenals Anesty International, maar dat de SP tegen een motie in de Tweede Kamer stemde die het bgebruik van het wapen aan banden wilde leggen. Er is nu een reactie binnengekomen van de SP Die reactie vind je hieronder.


Hartelijk dank voor je mail. De reden dat wij destijds niet voor deze motie hebben gestemd is omdat op dit moment nog niet duidelijk genoeg is op welk moment welk middel kan worden ingezet om de veiligheid van mensen te waarborgen. GGZ-instellingen doen een beroep op de politie als de veiligheid van cliënten en het personeel in het geding is. Wat wordt aangegeven is dat de politie het stroomstootwapen inzet als alternatief voor het gebruik van het dienstwapen. Dus om te voorkomen dat je moet schieten, kan een stroomstootwapen gebruikt worden.

In september vorig jaar gebruikte de politie het pistool om een patiënt van een GGZ-instelling in Castricum in het been te schieten nadat deze met een mes een beveiliger te lijf was gegaan. Dat gaat heel ver, een kogel kan blijvende schade of invaliditeit veroorzaken. Een stroomstootwapen had misschien (en misschien ook niet) in dit geval uitkomst geboden.  We weten niet of dit wapen als alternatief kan worden ingezet, daarom loopt nu het onderzoek.  

Wij zijn het helemaal eens dat de inzet van geweld in de psychiatrie zoveel mogelijk vermeden moet worden.  Daar is het personeel en ook de politie zich zeer van bewust. Als SP zetten wij daarom in op preventie en steunen we juist de succesvolle projecten die laten zien dat - zonder te separeren, fixeren of andere dwangmiddelen toe te passen - escalatie van conflicten voorkomen kan worden. Maar dat neemt niet weg dat er situaties kunnen voorkomen waarin patiënten en medewerkers acuut in gevaar komen. Dan grijpt de politie is, en als het aan de SP ligt moet daar als het even kan nooit het dienstwapen voor gebruikt worden. Of een stroomstootwapen daarbij helpt is maar zeer te vraag, wij zijn daar zeker nog niet van overtuigd. Maar dat is dus de reden dat wij het onderzoek willen afwachten. Niet omdat we zo vóór de inzet van stroomstootwapens in de zorg zijn, maar omdat we willen weten of het als alternatief voor het gebruik van het pistool nuttig en minder schadelijk kan zijn.

Met vriendelijke groet,
Maarten Hijink
Tweede Kamerlid SP

dinsdag 1 mei 2018

Problemen met verdienen naast je bijstandsuitkering. Recht op bijzondere bijstand!

Er zijn mensen in de bijstand die bijvoorbeeld 15 uur part-time werken. Dat is onvoldoene om van te leven in veel gevallen, zeker met de lage lonen die we in Nederland in veel sectoren hebben. Dus je kunt aanvullende bijstand krijgen tot het voor jou geldende sociale minimum. Daarbij kun je gebruik maken van de bijverdienste regelingen in de Participatiewet. Die bijverdienste regelingen kun je vinden op overlevingsgids.net op pagina  en op deze pagina .

knelpunt

Maar vaak kan het misgaan met dat verdienen naast je uitkering. Zo wordt bijvoorbeeld op het loon de algemene heffingskorting toegepast en de bijstand wordt dan netto aangevuld. En aan het einde van het jaar wordt de netto bijstandsuitkering gebruteerd. Vaak wordt dan ook nog eens een keer de algemene heffingskorting bij de bijstand ook toegepast. Met andere woorden: de algemene heffingskorting wordt dan twee keer toegepast, op het loon en op de bijstandsuitkering. De belastingdienst verplicht je dan aangifte te doen, met als gevolg een aanslag van de belastingdienst van vaak meer dan 900 euro. Je moet als het ware een stuk heffingskorting terug betalen.

bijzondere bijstand

Wat je dan moet doen is met de aanslag van de belastingdienst bijzondere bijstand aanvragen. Deze moeten ze in behandeling nemen en toewijzen. Veel mensen weten dit niet. Onze ervaring is, dat klantmanagers er niet pro actief op wijzen dat je recht hebt op bijzondere bijstand, zoals ze soms ook niet de klant erop wijzen dat die in aanmerking komt voor de bijverdienregeling in de Participatiewet. Het kan wel zo zijn, dat de sociale dienst er wel rekening mee houdt, dat bij het betaalde werk de heffingskorting wordt toegepast. Dan heb je geen probleem. Maar in veel gevallen gebeurt dat dus niet

Piet van der Lende

maandag 30 april 2018

Vanaf 1 mei (dag van de arbeid) mogen WW-ers van 65 jaar en 4 maanden stoppen met solliciteren....

De meeste oudjes kunnen nog goed bewegen, dus ook wel werken
Vorige week schreef ik een commentaar  bij een kryptisch bericht over de sollitatieplicht voor ww-ers en mensen in de ziektewet. Het bericht was onduidelijk en riep vragen op. Inmiddels is het besluit in de Staatscourant gepubliceerd. .
Hieruit blijkt dat het gaat om een uiterst minimale verandering, waarvan wordt benadrukt dat het bijna geen geld kost. Tot nu toe was iemand die het laatste jaar voor zijn pensioen wordt ontslagen, vrijgesteld van de sollicitatieplicht. Maar ouderen die al langer werkloos zijn, moesten wel tot precies hun AOW-leeftijd doorgaan met het zoeken naar een baan. Dat is nu gelijkgetrokken. Ook ww-ers die meer dan een jaar voor hun AOW in de WW komen hoeven nu in het laatste jaar voor die AOW niet meer te sollciteren. Zelfs het journaal besteedt er aandacht aan. Nou het is ook wel een revolutionaire verandering!. En ze maken er meteen een fout berocht van. Citaat: 'Alle oudere werklozen mogen een jaar voor hun AOW-leeftijd stoppen met het verplicht solliciteren'. Nou, alle werklozen, de bijstandsgerechtigden worden in de maatregel helemaal niet genoemd, op hen heeft het geen betrekking. Het moet niet te gek worden. Toch houdt de NOS vol in haar artikel: 'Als volgend jaar de AOW-leeftijd naar 66 jaar en 4 maanden gaat, mogen alle werklozen met 65 jaar en 4 maanden stoppen met sollicitatiebrieven schrijven'. Niet alle werklozen dus.

Piet

Politieke discussie over het gebruik van stroomstootwapens door de politie in GGZ instellingen en andere gezondheidszorginstellingen. De SP is ervoor

Minister Grapperhaus blijft het gebruik van de taser toestaan
Begin 2018 publiceerde ik twee artikelen over de daklozen in Nederland die worden uitgesloten van hulpverlening omdat ze 'zelfredzaam" zouden zijn. Zie 'daklozen in Amsterdam worden vaak niet geholpen' en 'daklozen worden gezien als probleem van openbare orde' In dit verband kwam ter sprake, dat de problematiek van de daklozen door de overheid sterk wordt benaderd als 'openbare orde" probleem, waarbij de politie stroomstootwapens inzet om verwarde mensen in GGZ instellingen en op straat tot rust te brengen. Een rapport van de Amsterdamse Rekenkamer over deze problematiek heeft blijkbaar weinig effect gehad, want nog steeds komen op het spreekuur van de Bijstandsbond daklozen die niet geholpen worden omdat ze 'zelfredzaam' zouden zijn, d.w.z. ze scoren hoog op de krakkemikkige 'zelfredzaamheidsmatrix'. Zo was er een daklozen die wanhopig op het spreekuur kwam omdat bij niet meer bij HVO terecht kon en de GGZ zei tegen hem: 'we kunnen je niet helpen, je bent niet verslaafd of psychisch gestoord, je bent zelfredzaam. Amnesty International reageerde in eerste instantie op het gebruik van het stroomstootwapen met het volgende standpunt. Amnesty is niet in alle gevallen tegen het gebruik van het stroomstootwapen, maar omdat het een in potentie levensbedreigend wapen is kan het wapen alleen in de openbare ruimte (dus niet binnen) gebruikt worden onder strenge voorwaarden zoals goed getrainde politieagenten, niet gebruiken bij kwetsbare mensen die extra risico lopen zoals mensen onder invloed van drank of drugs, alleen gebruik van stroomstootwapens op afstand en niet van dichtbij op het lichaam etc. Amnesty vroeg verder om uitstel van de invoering van het wapen.

Politiek

In de Tweede Kamer is men geschrokken van de inzet van het stroomstootwapen in GGZ instellingen. Kamerleden stelden vragen en wilden op korte termijn een antwoord.  Naar aanleiding van de tussentijdse rapportage van de politie over het gebruik van de taser/het stroomstootwapen stelde Kamerlid Van Dam (CDA) vragen over het gebruik van de “drive stun” mode (direct op het lichaam) en over de schaal waarop de taser in ggz-instellingen wordt ingezet. Die inzet zou in minstens tien gevallen zijn gebeurt. De vragen staan hier: 
Daarbij staat ook het antwoord van de minister.
Daaruit blijkt, dat de pilot met het stroomstootwapen in ieder geval nog tot 1 januari 2019 duurt. In de antwoorden gaat men geheel voorbij aan de voorwaarden die Amnesty stelde. Men heeft het over een betere training van agenten.  Het blijkt, dat het stroomstootwapen zelfs is ingezet in ziekenhuizen. Het blijkt, dat er dit voorjaar een evaluatierapport komt op basis waarvan wordt beslist of men het wapen wil blijven gebruiken.

De vragende kamerleden kondigden aan, dat als de regering niet op korte termijn een antwoord zou verstrekken er een motie zou worden ingediend in december, om het gebruik van het wapen in GGZ instellingen te verbieden. Dit is op 21 december gebeurd.
Op die dag heeft de Tweede Kamer een motie aangenomen waarin het gebruik van tasers in ggz-instellingen niet langer is toegestaan:

De steun voor de motie was kamerbreed. Tegen stemden de VVD en de PVV (wat je wel kan verwachten) maar ook.....de SP. Ik heb geprobeerd te informeren waarom maar heb geen antwoord gekregen.

Amnesty

Inmiddels neemt Amnesty een heel wat fermer standpunt in. ‘Gebruik Taser door de Nederlandse politie onaanvaardbaar’ kopte de website van Amnesty op 19 februari.
De manier waarop de politie dit stroomstootwapen gebruikt, brengt onaanvaardbare gezondheidsrisico’s met zich mee aldus Amnesty. Dat blijkt uit het op 19 februari  door Amnesty International gepubliceerde rapport Een mislukt experiment: De Taser-pilot van de Nederlandse politie. Per 1 februari dit jaar is officieel de evaluatiefase van het Taser-experiment beëindigd, maar zoals we hiervoor al zagen in de antwoorden op kamervragen mogen de verschillende politieteams  het stroomstootwapen blijven gebruiken tot 1 januari 2019. Amnesty vindt dat onaanvaardbaar in het licht van de bevindingen uit haar rapport en vraagt daarom om onmiddellijke opschorting van het gebruik van de Taser. Lees hier het rapport van Amnesty.
Het wachten is nu op het evaluatierapport dat binnenkort moet verschijnen. De alarmkreten van Tweede Kamerleden en van Amnesty lijken vooralsnog weinig invloed te hebben op het beleid van minister Grapperhaus van Justitie.

Piet van der Lende

zaterdag 28 april 2018

ontmoedigingsbeleid

Het aantal klachten en bezwaarschriften o.a. in het kader van de Participatiewet, neemt drastisch af. Ambtenaren en bestuurders zoeken naar verklaringen voor dit fenomeen. Uit hun uitlatingen blijkt dat men meer aan wat zij noemen 'preventief beleid' zou doen. Uitkeringsgerechtigden worden gebeld als ze een bezwaarschrift indienen met de vraag of het niet anders kan worden opgelost. Of er wordt hen nog eens duidelijk gemaakt dat een klacht of bezwaarschrift geen zin heeft. Met andere woorden: een soort ontmoedigingsbeleid om van je rechten in juridische procedures gebruik te maken. Maar in het artikel worden ook andere redenen voor de afname van het aantal bezwaarschriften genoemd. Zoals de bezuinigingen op reïntegratiegelden, waardoor veel minder mensen in reïntegratietrajecten zitten en er dus ook minder klachten zijn.

Deze week kwam er wat het bovenstaande betreft nieuwe informatie. De Raad voor de Rechtspraak publiceerde begin april haar jaarverslag. Uit dit jaarverslag blijkt dat het aantal rechtszaken dalende is. Op zich houdt dat natuurlijk verband met het bovenstaande: als in de eerste fase minder bezwaarschriften worden afgehandeld, zal het aantal zaken in het vervolg van de juridische keten ook afnemen. Met name het aantal incassozaken over het niet betalen van rekeningen is afgenomen. In 2017 werden 81 duizend minder zaken hierover aan de rechter voorgelegd. De daling van het aantal rechtszaken is overigens al een paar jaar zichtbaar.

Een van de redenen voor de daling die de Raad voor de Rechtspraak noemt is het einde van de economische crisis. Burgers kunnen simpelweg hun rekening makkelijker betalen. Ook worden geschillen steeds vaker buiten de rechter bemiddeld, via bijvoorbeeld mediation. De Raad maakt zich echter zorgen dat de hoge griffierechten, de kosten die moeten worden betaald voor het voeren van een rechtszaak, burgers afschrikt. Steeds meer mensen vinden de gang naar de rechter te duur, te ingewikkeld en te ongewis.

Vooral het noemen van de 'mediation' is interessant in het licht van wat ik heb geschreven. Alex Brenninkmeijer, hoogleraar Institutionele aspecten van de rechtsstaat aan de Universiteit Utrecht en voorheen Nationale ombudsman ziet in de Volkskrant alleen maar voordelen. ‘Het is heel verheugend dat het aantal zaken terugloopt. Dat conflicten op een andere manier worden opgelost, door bijvoorbeeld mediation, is een goed teken. De deskundigheid van mediators in Nederland is toegenomen en breder bekend. Er zijn veel voordelen aan verbonden: het is sneller, overzichtelijker en kost minder dan een rechtszaak.’

Oud Ombudsman en thans hoogleraar in Utrecht Alex Brenninkmeijer ziet geen probleem in het vervangen van officiele rechtsprocedures door onderhandelingen en mediation
Maar is het wel zo eenvoudig? Zijn officiële, heldere rechtsprocedures die duidelijk staan omschreven niet te verkiezen boven vage onderhandelingen? Ontstaat er met mediation niet een grijs schemergebied, waarin de individuele burger maar moet zien door (gewiekste) onderhandelingen zijn of haar doel te bereiken in plaats van door een oordeel van de onafhankelijke rechter. (Even afgezien van discussies over de mate van onafhankelijkheid van de rechterlijke macht) Hoe controleer je of in dat schemergebied een rechtvaardige afhandeling niet ontaardt in een structureel ontmoedigingsbeleid, waarbij de rechten van de burger in de knel komen op basis van financiele argumenten (het mag niet teveel geld kosten) waarbij die kosten belangrijker zijn dan de rechten van de burger?

We gaan steeds meer toe naar een maatschappij, waarin niet heldere rechten van de burger centraal staan maar vage onderhandelingssituaties, waarin je moet onderhandelen over je rechten. Keukentafelgesprekken in het kader van de WMO, gesprekken met reïntegratieconsulenten in het kader van de Participatiewet of de WW, keuringen op arbeidsongeschiktheid en loonwaardebepalingen, mediation bij conflicten tussen partijen. Ik denk dat in dit schemergebied uiteindelijk het recht van de sterkste geldt. Niet alleen op het gebied van inkomen, met een steeds grotere kloof tussen arm en rijk, maar met een instututioneel onderscheid tussen eerste en tweederangs burgers op alle rechtsgebieden.
 
Piet van der Lende