donderdag 2 maart 2017

Bijeenkomst van de FNV in de Burcht te Amsterdam naar aanleiding van de verkiezingen. Op woensdagmiddag 1 maart 2017.



Er was een inleiding van professor Gijsbert Vonk en een discussie aan de hand van stellingen met 4 kandidaat kamerleden en de zaal. Dit wordt een subjectief verslag en een impressie met wat ik zag als eye openers. De aamwezige kamerleden waren Sadet Karabulut van de SP, de heer Özdil van Groen Links, Don Ceder van de Christen Unie en Joke de Kock van de Partij van de Arbeid. De discussie stond onder leiding van Frenk van der Linden en ook Ruud Kuin, vicevoorzitter van de FNV deed af en toe een duit in het zakje. Vanuit de zaal kwam veel het principe van het basisinkomen aan de orde, gedeeltelijk vanuit het standpunt van FNV uitkeringsgerechtigden.

Het bleek echter, dat geen van de 4 aanwezige partijen daar voorstander van was. Karabulut zei dat ze tegen was, oa omdat dan de miljonairs ook een basisinkomen krijgen, en ze is meer voor een drastische herverdeling van inkomen en werk en een sociaal leefbare bijstand. Met wel afschaffing van allerlei zinloze strafmaatreglen en boetes en herstel van de oude sociale werkplaatsen voor gehandicapten. De vertegenwoordigster van de Partij van de Arbeid zag ook weinig in een basisinkomen, maar was wel voor experimenten met een regelvrije bijstand om te kijken welke inrichting vand e sociale zekerheid het best werkt. De vertegenwoordiger van de Christen Unie liet zich uit in gergelijkbare bewoordingen, waarbij hij de inspannigsverplichting die werklozen cq bijstandsgerechtigden nu hebben zou willen handhaven, maar wel op een humanere manier op basis van maatwerk.

De vertegenwoordiger van Groen Links benadrukte, dat het congres van Groen Links tegen een onvoorwaardelijk basisinkomen heeft gestemd op basis van verschillende argumenten. Een van de argumenten die hij noemde, en die op het verkiezingscongres van Groen Links een belangrijke rol schijnt te hebben gespeeld, begreep ik niet helemaal, of hij heeft het onduidelijk utigelegd. Er zijn namelijk mensen, die niet goed voor zichzelf kunnen zorgen, die bijvoorbeeld budgetbeheer en zo nodig hebben en een intensieve begeleiding en het is geen oplossing om die mensen zomaar een zak met geld te geven of er naast te zetten. Wat dat dan volgens hem betekende naar de mensen toe qua rechten en plichten kwam niet erg uit de verf, er werd door Frenk van der Linden een soort alarmbel gehanteerd, waarbij de verschillnede bijdragen aan de discussie soms werdne beperkt tot anderhalve mnuut.

Ook professor Vonk zoekt de oplossing niet zozeer in een basisinkomen, maar in de uitbreiding van het huidige toeslagenstelsel, zoals de kindertoeslag, de huurtoeslag en de zorg toeslag en het kindgebonden budget. Met daarnaast allerle belastingkortingen. Zo'n stelsel zou zodanig kunnen worden uitgebreid tot wat hij noemde een gegarandeerd minimuminkomen, dat de huidige bijstand totaal kan worden afgeschaft. Een en ander zou niet moeten worden uitgevoerd door de gemeenten, maar door een uitbreiding van de belastingdienst. Een grote oorzaak van het bashen van bijstandsgerechtigden en hen koeioneren is volgens professor Vonk, dat mensen in de bijstand als mensen die ondersteuning nodig hebben of geen werk kunnen vinden of schulden hebben identificeerbaar zijn waarop allerlei denigrende opmerkingen en vooroordelen kunnen worden lostgelaten. De 'bijstandstrekkers'. Een toeslagen stelsel heeft enerzijds als voordeel, dat ook middengroepen ervan profiteren, en dat qua vermogenstoets er sprake is van een glijdende schaal, en anderzijds dat er geen makkelijk identificeerbare groep meer bestaat. Professor Vonk heeft deze week een onderzoeksvoorstel ingediend om de voorstellen van een nieuw toeslagen stelsel nader uit te werken.

Het bleek dat de kamerleden de voorstellen van de FNV uitkeringsgerechtigden nog niet goed hadden bestudeerd. Het veelgehoorde argument, dat alle kamerleden ook aanvoerden, is dat een onvoorwaardelijk basisinkomen betekent, dat ook een miljonair een basisinkomen krijgt van de staat. En die man of vrouw heeft al geld genoeg, aldus de kamerleden, we moeten de drastische ongelijkheid in inkomens tegengaan. Iemand uit de zaal weerlegde in enkele bewoordingen dat argument, waaruit bleek dat de kamerleden er nog niet goed over nagedacht hadden. Je kunt namelijk in combinatie met een onvoorwaardelijk basisinkomen om dat te financieren een progressief belastingstelsel invoeren. De miljonairs betalen dan als het ware zelf hun eigen basisinkomen. Dat heeft het grote voordeel ten opzichte van een voorwaardelijk basisinkomen, bv rijken krijgen het niet, dat je geen heel grote bureaucratie hoeft op te tuigen naast het belastingstelsel dat nu al bestaat om te beoordelen of iemand voor een basisinkomen in aanmerking komt aan de hand van het inkomen dat iemand heeft.

Tijdens de discussie werd actie gevoerd door een comite van 50 plussers, het actiecomité Voet tussen de Deur, die aandacht vroegen voor de positie van ouderen op de arbeidsmarkt, die vaak kansloos zijn. Hun kansen moeten worden verbeterd. De actiegroep organiseert regelmatig flashmobs voor hun belangen. Zo hielden ze een flasmob bij VNO/NCW en MKB Nederland. Hun lied is 'start me up' van de Rolling Stones. Ze kwamen op de proppen met een hele grote voet, die moest symboliseren dat ook ouderen op de arbeidsmarkt een voet tussen de deur moeten krijgen. Applaus, maar een van de aanwezigen in de zaal was het er niet mee eens. Ze gaf aan, dat ze de workshop rouwverwerking van de werkloosheid van de FNV had gevolgd, en dat ze zich eerst had suf gesolliciteerd, maar dat er al spoedig gezondheidsklachten kwamen, en dat ook andere deelnemers aan de workshop dat hadden. Ze hebben toen geconcludeerd: ergens moet je er op een gegeven moment een punt achter zetten. Hou toch op actiegroep met het najagen van de illusie dat wij wel een keer weer aan het werk komen. Geef ons onze gezondheid terug. De politici benadrukten, dat de uitvoering van de Participatiewet te ver is doorgeschoten en dat maatwerk moet worden geleverd. Ook werd naar voren gebracht, dat er vroeger VUT-regelingen bestonden en dat die zijn verdwenen. Karabulut zei dat we moeten stoppen met de zinloze sollicitatiecarroussel, waarbij de uitzichtloosheid wordt georganiseerd. Regelingen voor vervroegde uittreding moeten weer worden ingevoerd. Ook is het krankzinnig dat de AOW naar 67 en ouder is gegaan. Dat moet terug naar 65, waarbij degneen, die langer willen werken dat ook moeten kunnen. De mensen op het minimum moeten meer bestedingsruimte krijgen, drie kwart van de bijstandsgerechtigden leeft op of onder het de armoedegrens. De uitkeringen en het Wettelijk Minimum Loon moeten met 10% verhoogd worden.

Hoewel Ruud Kuin zei voorstander te zijn van een veel socialere bijstand, waarbij hij zelfs de uitdrukking 'stop de sollicitatieplicht'in de mond nam, noemde hij toch ook wat bedenkingen tegen de weg van strijden voor een basisinkomen. Er moet niet alleen naar het inkomen worden gekeken, maar ook belangrijk is een drastische herverdeling van de arbeid. En wat de positie van de vakbeweging betref: hij zei dat het hem niet zozeer ging om de FNV, zijn eigen winkeltje, maar dat het wel zo is, dat bij de acties voor behoud van de AOW en ook bij de strijd tegen het werken met behoud van uitkering gebleken is, dat de mensen die het betreft zeer moeilijk tot niet te organiseren zijn. Daarom zal het centraal stellen van meer banen, de arbeidsvoorwaarden en de belangen van de werklenden en meer werk en een drastisch andere bestrijding van de werkloosheid altijd voorop moeten staan en daarmee de organisatie van mensen die werk hebben. De huidige situatie op de arbeidsmarkt tast de positie van de vakbeweging aan.

Hoewel dat laatste natuurlijk belangrijk is, is het een wat merkwaardig geformuleerd argument in mijn ogen. Volledige werkgelegenheid of reductie van de werkloosheid tot aanvaardbare proporties is een illussie in het licht van de robotisering van de industrie en straks ook de zorgsector en we leven in een tijd waarin niet alleen in tijden van crisisi de massa werkloosheid toeneemt, maar ook in tijden dat bij herstel van de kapitalstische economie er een baanloze groei is. De oorzaak van de verzwakte positie van de vakbeweging is juist dat er mondiaal en nationaal een steeds groter surplus aan arbeidskrachten is gaan ontstaan die een loondrukkende werking heeft en die de positie van de (georganiseerde) werkenden uitholt. De oorzaak daarvan is dat dit surplus aan arbeidskrachten gedwongen is zichzelf op de arbeidsmarkt beneden de CAO voorwaarden aan te bieden, omdat de loonarbeid, voor mensen die geen andere reserves hebben en die zijn 'bevrijd'van bezit van productiemiddleen, de hoofdmanier is om een redelijk inkomen te verwerven en/of te overleven. Het beleid van de staat, van Participtiewetcontroles tot grenscontroles, is een beleid om het surplus dat geen waarde heeft voor het kapitaal te managen, niet om het probleem op te lossen. In feite zit links in Nederland ook gevangen in de neoliberale logica van het managen van het overbodig surplus, door discussies aan te gaan over reguleringen van wie wel en niet toegang heeft tot de Nederlandse arbeidsmarkt.

Wanneer het surplus door middel van basisinkomenachtige regelingen niet meer onder die druk staat, kan dit de positie van de werkenden en de vakbonden alleen maar versterken. Het streven naar een vollediger werkgelegenheid op basis van herverdeling van arbeid en meer kansen voor werkzoekenden door aan hem te sleutelen of het invoeren van toegangsregelingen tot de Nederlandse arbeidsmarkt door middel van werkvergunningen zal het bestaan van het grootste deel van het surplus aan overbodige arbeidskrachten niet fundamenteel veranderen. En dat betekent dat onder druk van de omstandigheden duizenden er alles voor over hebben om al is het in ellende te overleven. Meewerken aan dergelijke toegangsregelingen betekent meewerken aan het illegaliseren van duizenden, die onder nog slechtere omstandigheden arbeid zullen verrichten in Nederland. Zo goedkoop voor de werkgevers dat ze lachen om de boetes die een overbelaste Arbeidsinspectie hen oplegt, waarbij die Arbeidsinspectie contant achter de feiten aanloopt, hoe groot zij ook gemaakt wordt. En een steeds machtelozer vakbeweging, die machteloos staat tegenover de uitbuitingspraktijken van de bazen. Het verleden vanaf de zeventiger jaren heeft bewezen, dat dit de uitkomst is van een dergelijk beleid in sommige bedrijfstakken. Althans zo denk ik erover. De vakbeweging hinkt nu teveel op twee gedachten: enerzijds ernaar streven, mensen die weinig kansen meer hebben of ouder zijn vrijstellen van sollicitatieplicht en andere verplichtingen op basis van maatwerk, waarbij naar voren wordt gebracht dat andere dingen dan betaald werk en ook onbetaald werk belangrijk zijn, anderzijds nog steeds de verheerlijking van de betaalde arbeid als enig zaligmamakende weg naar inkomensverwerving en ontplooiing. Het wordt tijd dat de vakbeweging als geheel kiest voor een leefbaar, onvoorwaardelijk basisinkomen. Maar de pleidooien voor toegangsregelingen tot de Nederlandse arbeidsmarkt door middel van een nieuw stelsel van werkvergunningen van o.a Ruud Kuin, maken mij niet optimistisch. Hij kondigde aan in dit kader dat van de zomer een grote campahgne gaat beginnen voor dergelijke regelingen en tegen de afbraak van de arbeidsvoorwaarden 0 uren contracten en flexibiliering van de arbeid.

Piet van der Lende

Geen opmerkingen:

Een reactie posten